1796 Douwe Harmanus Nota, koopman en lid van het gerecht te Franeker, en Janke Pieters de Vries echtelieden binnen Franeker kopen op 17-04-1796 een deftig en dwars staand burgerhuis, De ‘Fraterniteit’ genaamd, stalling en erf, op 12 november 1796 vrij te aanvaarden, begerechtigd met een vrije uitgang in de kerkstraat en een deur op dit erf naar de binnenplaats mandelig met het huis van de weduwe van professor Conradi oostwaards, de erven van Hermanus Jacobs en meester Theodorus Estra in de kerkstraat, de koper zal verplicht zijn om in deze burgersociteit der stad een of twee maal per week te mogen laten vergaderen, doch niet later uiterlijk des zomers dan s’avonds tot negen en een half uur, en des winters tot negen uur, aldus in koop bekomen van Dionisius Romar boekverkoper binnen Franeker voor de somma van 1578 cg en 11 stuivers, de koopschat zal moeten worden betaald in klinkende munt en geenzins met landschaps of andere obligatien bij het tekenen der koopbrief.
Archieven: Eigenaars
1790 Dionisius Romar, boekverkoper, koopt op 05-02-1790 een groot en deftig dwarshuis, voor enige maanden meest nieuw getimmerd, met wagenhuis, stalling en hof, staande en gelegen op de hoek van de Kerkstraat en de Breedeplaats, bij verkopersche bewoond en in gebruik tot 12 mei 1790, begerechtigd met een vrije uitgang in de Kerkstraat en nog door een deur van dit erf op een binnenplaats mandelig met het huis van mevrouw Conradi ten oosten en de erven van Harmanus Jacobi en de schoolmeester Tjeerd van Esta, mede in de kerkstraat uitkomende, de losse goederen voor zover de verkoperse eigen zijn zullen niet in de koop versmelten doch op taxatie worden verkocht en bij aanvaarden door de koper gelijk betaald in klinkende munt, belast met het onderhoud van straat, wallen, bruggen, waterlozinge, riolen en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Sijke Klases de Graaf, weduwe van Coenraad Tuinema voor de somma van 938 gg de koopschat zal moeten worden betaald op 1 mei 1790 in klinkende munt en geezins met landschaps obligatien.
1789 Sijke Klases de Graaf, weduwe van Coenraad Tuinema
1789 Pand wordt intern bijna geheel verbouwd tot herberg met concertzaal “De Fraterniteit ” genaamd
1788 Georg Coopmans, Med. doctor en Gerrit Sietzes de Boer in qualiteit als mede directeuren tot de verbouwing van een huis geschikt tot een Fraterniteit en als speciaal gelastigden van de op 11 december 1887 in herberg De Valck vergaderende leden der gedissolveerde Fraterniteit zullen op 30-04-1788 overgaan tot de verkoop, op last van de staten van Friesland van den 3 november 1787, van dit fraai verbouwde dwarshuis met stalling en ruim erf, staande en gelegen aan de breedeplaats, de losse goederen zowel van ijzer als anders alsmede de borden, glazen, kannen, kruiken, bedsplanken tafels, stoelen en banken en dergelijke zullen niet in de koop versmelten maar op taxatie moeten worden overgenomen op de dag der aanvaardig en gelijk te betalen, belast met jaarlijke pacht aan de vroedsman Klaas Mulder en Bart Johannes Bouwens, begerechtigd met een vrije uitgang in de kerkstraat en nog een door een deur die uitkomt op de tuin en binnenplaats, mandelig met de weduwe van Conradi, de erven van Harmanus Jacobi en Tjeerd Esta uitkomende in de kerkstraat, de kopers zijn verplicht alle kosten dezer verkoping en verteringen gedaan in De Valck te vergoeden, aldus verkocht en gegeven aan Coenraad Tuinema herbergier en Sijke Klases de Graaf echtelieden binnen Franeker voor de somma van 1305 gg te betalen in twee termijnen op 1 mei en 1 november 1787 in klinkende munt en geezins met landschaps obligatien.
1787 Pand wordt verbouwd tot een herensociteit, “Fraterniteit” genaamd en achter het wagenhuis wordt een overdekte kolfbaan gebouwd
1787 De Heren directeuren der burger societeit te Franeker kopen op 13-04-1787 namens de gezamelijke leden deser societeit een zeer deftig huis met hof en paardestalling, staande en gelegen aan de stadsplaats op de hoek van de kerkstraat, bij Catharina Minnema bewoond tot 12 mei 1787, alle losse goederen deses huize zullen in de koop versmelten. aldus in koop bekomen van Klaas Mulder, lid van de vroedschap deser stede Franeker voor de eene helft en Bart Johannes Bouwens, lid der vroedschap deser stede Franeker voor de andere helft en dus tezamen voor het geheel, voor de somma van 1150 cg te voldoen en betalen in baar geld en klinkende munt zonder landschaps thoonder obligatien op 12 mei 1787.
1778 Klaas Mulder, vroedsman en Bart Johannes Bouwens, mr. timmerman kopen op 06-02-1778 een deftig huis met een hof en paardestalling met hooizolder, staande en gelegen aan de breedeplaats op de hoek van de kerkstraat, bij de weduwe van wijlen de schepene Gerardus Couperus bewoond tot 12 mei 1778, de losse goederen behorende bij dit huis zullen op de dag der aanvaarding op taxatie overgenomen moeten worden en gelijk betaald, aldus in koop bekomen van Dominicus Terpstra te Ried voor zich zelf voor een helft en in qualiteit als voogd over zijn huisvrouw Dirkje Halma voor een 1/4 part en Rinnert Halma huisman op het War in qualiteit als erfgenaam van wijlen hun vader Rinse Halma in leven woonachtig binnen Franeker voor de resterende 4de part, voor de somma van 750 gg de koopschat zal betaald moeten worden in baar geld en klinkende munt in twee termijnen op 1 mei en 1 november 1778
1775 Dominicus Terpstra te Ried voor de ene helft en Rinnert Halma huisman op het War voor de wederhelft, kopen op 22-04-1775 een voortreffelijk en deftig huis met hof, staande en gelegen op de hoek van de kerkstraat, bij de rector Gerardus Couperus bewoond, bestaande uit voorhuis met een grootte zaal op de tuin uitziende , een middenkamer, een binnen plaats, gewelfde kelder met een kelderkamertje, een zijkamer aan de westkant alsmede een keuken, een portaal in de tuin uitkomende, een keuken achter de binnen plaats, een grootte boven voorkamer, een achterkamer en zijkamer, een provisiekamer en een portaal tussen de bovenkamers, een klerenzolder boven de voorkamer en achterkamer en een turfzolder boven de zaal, hebbende een uitgang in de kerkstraat en een zeer fraai hof, een wagenhuis en paardenstallen met hooizolder, verder voorzien van een waterbak, put en secreet, begerechtigd met het mandelig gebruik van de steeg en asbak in de kerkstraat, aldus in koop bekomen van Hillebrandus Mentes, bedienaar des Goddelijks woord te Leeuwarden voor zich en als gelastigde van zijn broer Albartus Mentes Reen, bedienaar des Goddelijks woord te Harlingen en Frans Hendrik Reen, vroedsman te Leeuwarden, voor zichzelf en als gelastigde van zijn dochter Geertij Reen huisvrouw van Occo Albertus Mentes, predikant te Langweer, alsmede de heren Willem Kok en Annus Johannes Mentes, beide te Amsterdam, Hendrik, Karel en Anna Bogaard huisvrouw van Cornelis Bakker, Lidia Bogaard huisvrouw van Harmanus Romburg en Christina Bogaard huisvrouw van Cornelis de Boer, allen te Amsterdam, voorts als gelastigden van Clara de Bruin weduwe en erfgename van Petrus Teger te Hasselt en als gelastigde van Theodorus Daniel Teger te Hasselt en Josias Petrus Teger te Leiden, aldus in koop bekomen voor de somma van 1101 gg en 7 stuivers op volgende condities, dat de koopschat in klinkende munt en zonder landschaps obligatien zal moeten worden betaald in twee termijnen op 12 mei en 1 november 1775.
1774 Hillebrandus Mentes Reen, predikant te Leeuwarden, Albartus Mentes Reen, predikant te Harlingen en Frans Hendrik Reen, vroedsman te Leeuwarden
1752 Magdalena Pollius, weduwe van Reinerus Bronger Reen
1739 Reinerus Bronger Reen, predikant