1707 De juffrouw Anna Catharina de Barreville huisvrouw van Johannes Cuilenburgh mede advocaat voor den hove van Friesland woonachtig tot Augustinusga in haar eigen zaken doende door scheiding aan haar toegewezen en in eigendom bekomen, bekend op 21-02-1707 verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben, met het recht van wederkoop over vier jaren, aan Pieter Taekles grootschipper binnen Leeuwarden en Doetje Hendriks echtelieden, een huis en hof staande en gelegen op de noordzijde van de dijkstraat binnen Franeker, tegenwoordig bij de professor Bos als huurder bewoond voor 125 cg jaarlijks en 25 cg voor reparaties, het huis bestaande uit aanzienlijke kamers waarvan twee met gouden leer behangen zijn, die in de koop beklemmen, een overdekt hof, put, waterbak en gemak, de kleine huisjes zijn eertijds afgezonderd geweest, belast met 28 stuivers jaarlijkse grondpacht maar in de oude coopbrief staat 35 stuivers, verders met actien, lasten, profijten, servituen en gerechtigheden, aldus verkocht en gegeven voor de somma 1002 gg te betalen in vier termijnen op 1 mei 1707, 1708, 1709 en 1710.