Zerk 210
A-19-02-00201
Persoonsgegevens
| Familienaam | |
| Voornaam | |
| Patroniem | |
| Familierelatie | |
| Geboorte / doop | , |
| Burgerlijke staat | |
| Huwelijk | |
| Beroep | |
| Overleden |
Omschrijving
Zerk 210
Zerk 210 Dit is één van de drie zerken die betrekking hebben op het overlijden van Hongaarse studenten. Hicexuvias Suas Locari Volur Steph. C. Comaroni S.S.t.S.L. Ungar, qui Obiit 20 Iuni Ao 1721 Aetat. Circiter XXX Hic Iacet Michael K:Palteky Transylv-Hung: Obiit …. Anno 1735. 27 januarij Aetat 28 Hic Iacet Dan. Zilahi S.Th.St. Sakaino … Zerk 210
Foto zerk
Zerk 210
Zerk 210
Dit is één van de drie zerken die betrekking hebben op het overlijden van Hongaarse studenten.
Hicexuvias Suas Locari Volur
Steph. C. Comaroni S.S.t.S.L.
Ungar, qui Obiit 20 Iuni Ao
1721 Aetat. Circiter XXX
Hic Iacet Michael K:Palteky
Transylv-Hung: Obiit ….
Anno 1735. 27 januarij
Aetat 28
Hic Iacet Dan. Zilahi
S.Th.St. Sakaino Ungar Ex. Coll
Debrec. Obiit Ao 1770 D. 22 Sept
Aet.40 30
Hicexuvias Suas Locari Volur Steph. C. Comaroni S.S.t.S.L. Ungar, qui Obiit 20 Iuni Ao 1721 Aetat. Circiter XXX Hic Iacet Michael K:Palteky Transylv-Hung: Obiit …. Anno 1735. 27 januarij Aetat 28 Hic Iacet Dan. Zilahi S.Th.St. Sakaino Ungar Ex. Coll Debrec. Obiit Ao 1770 D. 22 Sept Aet.40 30.
Er liggen hier drie Hongaars studenten; Stephanus G. Comaromi, Michael K: Pataki, en Daniel Zilahi.
‘Stephanus G. Comaromi, student in de Heilige Godgeleerdheid, Hongaar, die gestorven is op de 20ste juni van het jaar 1721, ongeveer 30 jaar oud, heeft gewild dat hier zijn stoffelijke overblijfselen ter aarde worden besteld’
Stephanus G. Comaromi ( Komáromi Gellért István ) begon zijn studie in het huidige Alba Lulia in Transsylvanië. Hij werd in 1718 als student in Franeker ingeschreven. Toen hij in 1721 overleed was hij nog student, dus hij had zijn studie nog niet als ‘candidaat’ afgerond. Hij had kort daarvoor een testament laten opstellen. Na de kosten voor schulden en begravenis was er te weinig voor een eigen grafzerk. Dat is de reden dat hij met 2 andere studenten op één zerk genoemd word.
‘Hier ligt Michael K. Pataki, uit Transsylvanië afkomstig. Hij is gestorven in het jaar 1735, op de 27ste januari, op 28-jarige leeftijd’
Michael Pataki, student, geboren rond 1707 in Hongarij, overleden op 27-01-1735 in Franeker. Hij begon zijn studie in 1728 in aan het Gereformeerde Collegium in Debrecen. In 1732 ging hij naar Transsylvanië. In 1634 vinden we hem in Franeker ingeschreven als student. Hij overlijd op 27 januari 1635, en word begraven op 1 februari 1635, waarschijnlijk in de Academiekerk. Na de kosten voor schulden en begravenis was er te weinig geld voor een eigen grafzerk. Dat is de reden dat hij met 2 andere studenten op één zerk genoemd word in de Martinikerk.
‘Hier ligt Daniel Zilahi, student in de Heilige Godgeleerdheid, Hongaar, in Zsáka geboren, afkomstig van het Collegium in Debrecen. Hij is gestorven in het jaar 1770, op de 22ste september, op 30-jarige leeftijd’
Daniel Zilahi, hij was geboren in Zsáka, Hongarije, overleden 22-09-1770 in Franeker. Hij begon zijn studie in 1757 in Debrecen aan het Gereformeerde Collegium. In 1770 ging hij op studiereis naar de Nederlanden. Hij werd als student theologie ingeschreven op 7 augustus 1770 bij de Academie in Franeker, overleden 22-09-1770 in Franeker. In eerste instantie in de Academiekerk begraven. Later heeft de zerk in de Martinkerk een plaats gekregen.
(zie voor meer info het artikel van Ferenc Postma in de ‘FRANICKER van 2025 )
Op de zerken in de Martinikerk zijn de namen van 5 Hongaarse studenten die hier zijn overleden, bewaard gebleven. Op deze zerk zijn drie vermeld; in de zuider-zijbeuk ligt een zerkje met 1 naam (Zerk 59), in de kooromgang ook één met 1 naam.
In Franeker hebben heel wat buitenlanders, vooral Hongaren, theologie gestudeerd. De taal leverde geen moeilijkheden op, want de voertaal was latijn; daardoor konden de studenten overal terecht.
De reden waarom vooral Hongaren naar Franeker kwamen om te studeren, de reis was in die tijd verre van eenvoudig, lag waarschijnlijk in het feit dat zij hier terecht konden tegen lage kostprijs. Het oude stadhuis aan de Voorstraat, nu dokterspraktijk, staat tussen het museum en het Martenahuis in. Koperen gedenkplaten aan de muur herinneren aan de tijd dat dit oude stadhuis was ingericht als burse. Dat was een instelling waarin de studenten tegen geringe prijs konden eten en drinken. De overheid stelde een redelijk aantal beursen, om ze zo maar te noemen, beschikbaar voor studenten in de theologie. Niet alleen landgenoten, maar ook buitenlanders kwamen in aanmerking voor deze vorm van subsidie.
De eerste Hongaren lieten zich inschrijven in 1623. In de loop der jaren werden de financiën hier krapper en in verband hiermee kon de overheid ook niet meer zo vrijgevig zijn in het toekennen van beurzen. In 1774 werden nog maar 10 beurzen beschikbaar gesteld. Wat inhield dat het aantal buitenlanders, en zeker de Hongaren, sterk terug liep. Het einde kwam in 1779 toen er nog slechts 4 Hongaren aan de Academie studeerden
