Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1917 Ynze Beintema, winkelier
1888 Jarig Westra, mr timmerman koopt op17-09-1888 een winkelhuis met erf staande en gelegen in de kerkstraat, kadastraal bekend onder nr 548, voor fl. 1351,- van Jacob de Vries, de losse goederen zullen in de koop versmelten behalve de smidse, de blaasbalg, de gereedschappen en de werkbank met schoenen die in de werkplaats zijn.
1884 Afbraak en nieuwbouw van winkelhuis met bovenwoning als zelfstandig pand Hofstraat 15
1882 Jacob de Vries, koperslager
1872 Douwe Schuitmaker, timmerman
1868 Job Reverda, commissionair
1865 Verbouw van bakkerij tot winkel tot woonhuis
1855 Willem Alexander Deel, bakker te Pingjum koopt op12-03-1855 een sterk en goed ingericht woonhuis met welbeklante en ter nering staande bakkerij, staande en gelegen in de kerkstraat in de wijk TO en aldaar geregistreerd met de nummer 65 en 66,kadastrale nr. 548 en 549, waarin een ruime winkel, voor achter en pakkamer, bakkerij met een nieuwe oven, mouthok, tuin, bleek, plaats, put en 2 regenwaterbakken van Dirk Hendrik Viersen voor fl. 1687,-
1853 Dirk Hendriks Viersen, roggebroodbakker
1814 Hendrik Jelles Viersen, bakker
1809 Albert Simon de Haas, Mr. bakker koopt op 18-08-1809 een neringrijk huis, bakkerij en erf, staande in de kerkstraat wijk 2de oost nr. 58 en 59 binnen Franeker, door wijlen Hendrik Wiegers Hoppinga met de dood ontruimt, de bakkers gereedschappen, winkel en toebehoren gelijk mede de losse goederen tot en aan deze huizinge behorende zullen niet in de koop versmelten, doch op taxatie van twee onpartijdige personen over nemen en de kosten der taxatie zijn voor de koper, belast met het onderhoud van straten, wallen, brug, staketten, waterlozinge en verdere mandeligheden, aldus in koop bekomen van Mr. Johan Frederik Maurits Herbell, secretaris van Sneek en Isaac Telting, secretaris der stad Franeker als geauthoriseerde curatoren over de verlaten boedels van wijlen Hendrik Wieger Hoppinga, Mr. Bakker en de nagelatene weduwe Ieke Aukes, voor de somma van 1200 cg met daarboven de taxatie van 546 cg en 12 stuivers zo voor het geheel een somma van 1746 cg en 12 stuivers te betalen op 1 november 1809 en 12 mei 1810.
1807 Hendrik Wieger Hoppinga gesterkt met zijn vader Wieger Hendriks Hoppinga, Mr. bakker te Sneek kopen op 28-11-1807 een huis en extra wel beklante bakkerij, staande in het 2de oost nr. 58 en 59 binnen Franeker, bij mij verkoper zelve bewoond en gedreven en den 12de mei 1808 vrij te aanvaarden, de losse goederen tot het verkochte huis behorende, hier onder echter geen bakkersgereedschappen nog winkel en winkelgoederen zullen niet in de koop versmelten, doch bij aanvaarding op taxatie worden verkocht en met vrij geld direct worden betaald, belast met het onderhoud van straten en wallen en verdere stadsbezwaren en mandeligheden, aldus in koop bekomen van Adam Lentz mr bakker voor de somma van 2000 cg te betalen in alhier gangbaar grof zilvergeld in een termijn op 12 mei 1808.