1863 Nicolaas Zents, schoenmaker koopt op 23-11-1863 een huis voor fl. 398,- van Harmen van der Schaaf
Archieven: Eigenaars
1835 Harmen van der Schaaf, timmerman
1834 Thomas de Vries, apothekersbediende te Sneek
1833 Ane Andringa, landbouwer
1831 Thomas Jans de Vries apotheker te Sneek
1822 Antje Pieters Steenstra weduwe van Tjepke Reins van der Wal, winkelierse
1810 Ymmigje Idserts Idzinga weduwe van Jillert Jans Jellema en Jan Jillerts Jellema, koperslager
1786 Jillert Jans Jellema, vroedsman, koopt op 20-01-1786 een huis, staande en gelegen in de kerkstraat, thans ledig en direct te aanvaarden, aldus in koop bekomen van oud burgemeester Adam Lentz en Dr. Everwijnus Drabbe, advocaat voor den Hove van Friesland in qualiteit als curatoren over over de nagelaten kinderen van wijlen Hendrik Minnema en Lucia Ens voor de somma van 56 gg gelijk te betalen bij aanvaardinge in klinkende munten.
1771 Hendrik Minnema, koopman en Lucia Ens, kopen op 20-12-1771 een huis met erf, staande en gelegen in de kerkstraat, bij Wijnant Gijsberts cum socio bewoond tot 12 mei 1772, de koper zal de losse goederen die bij het huis behoren op 12 mei 1772 op taxatie moeten ontvangen van de verkoper en gelijk in vrij geld betalen, aldus in koop bekomen van Henrietta Wilhelmina Muijs en haar man Willem Brockes, advocaat voor de somma van 81 gg en 20 stuivers te betalen in baar geld en klinkende munten in een termijn op 12 mei 1772.
1769 Henrietta Wilhelmina Muijs en Joachim Wilhelmus Brockes. (Kwam uit een voorname Hamburgsche familie )
1744 Margaretha van Rueven weduwe van Weijer Willem Muijs
1734 Wijer Willem Muys, hoogleraar en professor in de geneeskunde koopt op 16-04-1734 een huis cum annexis, staande en gelegen in de kerkstraat alhier ter stede, alsmede de staande en liggende haardplaten, spijs en schoorsteenborden, bedsplanken en verder alle losse goederen dat de verkoper eigen is, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen, pijpen scheidsloot, waterlozinge en riolen, aldus in koop bekomen van de diakonie der gereformeerde gemeente tot Franeker voor 3/4 part als erfgenaam van wijlen Martje Hendriks weduwe van wijlen Sikke Sierks en Tjietske en Grietje Baldus Sierks beide te Harlingen voor het resterende vierde part erfgenamen van Martje Hendriks volgens acte van 2 maart 1734, voor de somma van 86 gg te betalen in baar geld en klinkende munten in drie termijnen op den 1ste mei 1734, 1735 en 1736.