1789 Dirk Harkes Baksma koopt op 28-08-1789 een huis en erf, gelegen in het nieuwe hof, bij Jacob Pieters cum uxore als huurders bewoond, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen,waterlozinge, riolen, staketten, muren en lantarengeld, aldus in koop bekomen van IJsbrand Pieters, oud west indie kapitein te Harlingen voor de somma van 126 gg te betalen in baar geld en klinkende munten op 12 november 1789.
Archieven: Eigenaars
1782 IJsbrand Pieters, oud W.I.C. kapitein, koopt op 30-12-1782 een huis met plaats, staande en gelegen bij de kerkstraatbrug, het huis is thans ledig doch op 12 mei 1783 vrij te aanvaarden, de losse goederen daartoe behorende en op de dag der aanvaarding aldaar gevonden worden zullen op taxatie over genomen moeten worden en gelijk betaald, hebbende dit huis een mandelige gevel van boven tot beneden met het huis van de executeur Martinus Meill, alsmede een mandelige put en staketten die massaal onderhouden moeten worden, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen,waterlozinge, riolen, staketten, muren en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Neeltje IJsbrands weduwe van Jan Heeres voor de ene helft en van Trijntje Jans gesterkt door haar man Justus Crans, predikant te Oude Mirdum, als erfgename van wijlen haar vader Jan Heeres,voor de wederhelft en dus zamen voor het geheel voor de somma van 101 gg te betalen in een termijn op 12 mei 1783 in klinkend gangbaar geld.
1772 Jan Heeres, mr metselaar en Neeltje IJsbrands van Buuren kopen op 28-02-1772 een huis met erf, staande en gelegen in het nieuwe hof bij de kerkstraatbrug, bij Jacob Wikkes bewoond, hebbende dit huis een mandelige gevel van boven tot beneden met het huis van de executeur Martinus Meill, alsmede een mandelige put en staketten die massaal onderhouden moeten worden, de losse goederen als spijskamerplanken, bedplanken, spijskamer en schoorsteenborder etc. zullen op taxatie overgenomen moeten worden, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen,waterlozinge, riolen, staketten, muren en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Daniel Tiboel, secretaris te Workum, Henderina Tiboel en haar man Gerbrand Jacob Camper advocaat, Daniel Tiboel en Gerbrand Jacob Camper als schriftelijke last en procuratie houders van Anna Wijbrandina Tiboel en haar man Jan de Cruijf, koopman te Leiden, Boudew ijn Tiboel te Groningen en Jacobus Tiboel, boekverkoper te Amsterdam voor de somma van 180 gg oftewel 252 cg te betalen in hier lands gangbare munten in een termijn namelijk terstond bij het geven van de finale palmslag.
1767 Geertruida Pothof weduwe van Jacobus Tiboel
1757 Jacobus Tiboel oeconomius van lands burse tot Franeker, koopt op 09-09-1757 een huis en erf, staande en gelegen nabij de kerkstraatbrug, hebbende dit huis een mandelige gevel van boven tot beneden met het huis van Haring Hendriks in de kerkstraat alsmede een mandelige put en staketten welke massaal onderhouden moeten worden, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen,waterlozinge, riolen, staketten, muren en lantarengeld,aldus in koop bekomen van Alegonda Elisabeth Saagmans huisvrouw van Dominicus Johannes Potter, predikant te Menaldum voor de somma van 90 gg te betalen in baar geld en klinkende muntenen geenzins in lands obligatien in twee termijnen bij de finale palmslag en op 31 oktober 1757.
1756 Alegonda Elisabeth Saagmans weduwe van Adrianus Brakel
1742 Adrianus Brakel, advocaat koopt op 27-04-1742 een huis met erf staande en gelegen nabij de kerkstraatbrug, tegenwoordig bij Jan Jansen als huurder bewoond en gebruikt en belast met nog een jaar verhuur voor 20 cg jaarlijks, dit huis heeft een mandelige voorgevel van boven tot onderen met het huis van Haring Hendriks in de kerkstraat alsmede met dat huis een mandelige put en stakettinge welke met dat huis onderhouden moet worden, de losse goederen van staande en liggende haardplaaten, spijskamer borden, schoorsteenborden, bedplanken, ladders etc. moet op 12 mei 1742 op taxatie overgenomen moeten worden althans zoveel de verkopers willen missen, belast met het onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen,waterlozinge, riolen, staketten, muren en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Tjeerd Siebouts kalkvoerder en mennonieten leraar voor de ene helft en Siebren Siebrens trekschipper op Leeuwarden visa versa en Neeltje Jans echtelieden voor de andere helft voor de somma van 190 gg te betalen in baar geld en klinkende munten in twee gelijke termijnen bij de finale palmslag en op 12 mei 1743.
1724 Sijbren Sijbrens,trekschipper en Tjeerd Sijbouts, kalkvoerder
1723 Tjamke Wopkes weduwe van Theunis Anthonides Smits
1698 Theunis Anthonides Smits, dopjes wever en Tjamke Wopkes stads vroedvrouw
1918 Ursula Margaretha echtgenote van Petrus Walta
1900 Verbouw, deel timmerwinkel wordt gesloopt en restant bij pand Zuiderkade nr. 25 gevoegd.