Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1636 Pieter Simons de Wein, linnenkoopman
Op 1 juli 1933 Luitzen van der Zee winkelbediende wonende te Franeker koopt een winkelhuis met erf en tuin staande en gelegen aan de dijkstraat nr, 23 Kad. Nr. Sectie A 2848, van Catharina Christina Maria Sleijfer winkelierse te Franeker, enige erfgename van Catharina Steskens, geboren uit een eerder huwelijk van Hiltje Lanting met Petrus Jozef Steskens en zij overleed op 14 mei 1923 en bij testament van 10 april 1923 werd Catharina Christina Maria Sleijfer de enige erfgemame, in de koop zijn inbegrepen de markies, twee damspiegels, drie electrische lampen in de winkel, de gaslampen in de benedenkamer, keuken en bovenkamer en een vlag met stok, aldus gekocht voor de somma van fl. 6840,- te betalen op de dag der aanvaarding 1 oktober 1933 of eerder als het pand door de verkoopster wordt ontruimd.
1910 Catharina Sleijfer, wijnhandelaarster
1876 Sloop (na brand) en nieuwbouw van woonhuis met bovenverdieping en winkel en aankoop oostelijk deel erf van Jan de Vlas, nieuwbouw van secreet. (Het gezin verbleef na de brand ruim zes maanden in een woonschip gelegen in de zuidergracht)
1860 Op maandag 1 oktober 1860 in de koorbeurs te Franeker wordt bij openbare veiling te koop aangeboden door Christiaan Fleur schoenmaker te Franeker als voogd over de minderjarige Gerrit Jongerhuis zoon van Gerrit Pieters Jongerhuis en Anna Jans Nieuwhof in der tijd echtelieden wonende te Franeker thans beide overleden en als gelastigde van Petrus Gerrits Jongerhuis trekschipper wonende te Franeker en Anna Gerardus Omloo huisvrouw van Henricus Holling schoenmaker te Franeker, Gerrit Nieuwhof blauwverver wonende te Sneek als toeziend voogd, een huis met erf staande en gelegen aan de dijkstraat wijk TO 102 Kad. Nr. Sectie A 590, de stelling met planken en de toonbank in het voorhuis zijn niet in de koop inbegrepen, de kosten van het vonnis, proces verbaal koopbrief, advertentie, omroepen, billetten, zegels en verteringen zijn voor de koper, de aanvaarding zal plaats hebben op 12 mei 1860, het eerste bod van fl. 607,- wordt gedaan door Jan Ensink koopman te Franeker. Op maandag 15 october 1860 in het logement “Het Posthuis” wordt het bod verhoogt naar fl. 607, 25 door Johannes Sleijfer winkelier wonende te Franeker en door gelastigden van Jongerhuis aanvaard, te betalen in klinkende en goed gangbare munten zonder voor geld gaande papieren acht dagen na de finale palmslag.
1827 Auke Pieters Jongerhuis katoendrukkersknecht wonende te Franeker verklaard op 16-03-1827 bij deze te verkopen en over te dragen aan zijn broeder Gerardus Pieters Jongerhuis trekschipper te Franeker de onverdeelde helft van een huis met erf en alles war daar toe en aan behoort, staande en gelegen aan de dijkstraat te Franeker in de wijk TO 102, waarvan hij verkoper over zodanig aandeel en de koper zelf voor de wederhelft beide testamentair erfgenamen van wijlen hun vader Pieter Gerrits Jongerhuis eigenaars zijn en bij hun zelf wordende bewoond, maar op 12 mei 1827 door de koper te aanvaarden, bezwaart met het onderhoud van straat, wallen, bruggen en pijpen, waterlozinge, riolen, staketten en muren, aldus verkocht en gegeven voor de somma van fl. 200,- te betalen in nederlandsch geld en klinkende munten in een termijn bij het tekenen der koopbrief op 12 mei 1827.
1824 Gelbich Jans Jorna, weduwe van Pieter Gerrits Jongerhuis
1818 Harmen Jans van der Schaaf timmerman en Aaltje Gerrits echtelieden binnen Franeker verklaren op 10-05-1818 uit de hand te hebben verkocht aan Pieter Gerrits Jongerhuis trekschipper wonende te Franeker een huis met erf staande en gelegen in de dijkstraat te Franeker in wijk TO 102, bij de echtelieden verkopers bewoond en gebruikt en op 12 mei 1818 vrij te aanvaarden, bezwaart met het onderhoud van straat, wallen, bruggen en pijpen, waterlozinge, riolen, staketten en muren, de losse goederen zijn bij de koop inbegrepen, aldus verkocht en gegeven voor de somma van fl. 425,- te betalen in klinkende en goed gangbare munten zonder voor geld gaande papieren in een termijn dadelijk bij het tekenen der koopbrief op 12 mei 1818.
1812 Simon Feddes Houtstra trekschipper van Franeker op Leeuwarden visa versa wonende te Franeker als gelastigde van Johannes Pieters Metselaar zilversmid wonende te Leeuwarden welke last en procuratie heeft van zijn moeder Anna Christina Mulder weduwe van wijlen Pieter Metselaar wonende te Leeuwarden voor zich en als erfgename van wijlen haar man nalatenschap, en verklaard op 19-02-1812 namens Johannes geauthoriseerd te zijn over te dragen aan Harmen Jans van der Schaaf timmerman en Aaltje Gerrits echtelieden binnen Franeker en met zijn vader Jan Harmens van der Schaaf timmerman mede wonende te Franeker een huis met erf, staande en gelegen in de dijkstraat wijk TO 102, laatst bij Catharina Nickel vroedsvrouw als huurster bewoond geweest, de losse goederen zullen in de koop versmelten, aldus verkocht en gegeven voor de somma van 219 cg en 10 stuivers te betalen in goede klinkende en gangbare koershoudende munten in termijnen op 12 mei 1813 fl. 25,- of 52 francen en 50 centimes en op 12 mei van de daarop volgende jaren telkens een gelijke som en het laatste jaar nog zoveel er op deze schuld resterende is.
1806 Johannes en Anna Metzelaar te Leeuwarden
1795 Anna Christina Muller, weduwe van Pieter (Metseler) Metzelaar 1795 Anna Christina Muller, weduwe van Pieter (Metseler) Metzelaar
1780 Pieter Metzelaar (Metseler) , stads executeur en Anna Christina Muller echtelieden tot Franeker kopen op 29-12-1780 een huis met erf, staande en gelegen in de dijkstraat te Franeker, bij echtelieden kopers als huurders bewoond en in gebruik, begerechtigd met een waterlozing over de plaats van het huis ten westen, mits de kopers de waterlozing op eigen kosten laten vernieuwen en ordentelijk te onderhouden, de wand die tussen beide huizen westwaards loopt zullen de kopers en de eigenaar van de tuin westvaarts ieder voor de helft op eigen kosten moeten schoon houden, de losse goederen als standers, planken, spijskamerborden, bedden zullen in de koop versmelten, de staketten zuidwaards tot afscheidinge van dit erf en het hof van de verkoper zal direct na aanvaarding vernieuw moeten worden tot een hoogte van 6½ voet op kosten van de koper en verkoper en het oude hout blijft ten voordele van de koper, de kopers mogen geen nieuwe lichtschepping maken die over het erf zuidwaards uitziende zonder consent van de eigenaar van de tuin ten zuiden, aldus gekocht voor de somma van 281 cg en acht stuivers van Rudolf Nauta J.U. Doctor tot Franeker te betalen in een keer op 1 mei 1781 in baar geld en klinkende munt zonder lands obligatien.