Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1825 Tiete Siebrens Jaarsma politie bediende te Franeker verklaard op 29-09-1825 verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Jan Klases van der Bank rentenier te Franeker een huis met tuin en erf staande en gelegen in aan de dijkstraat in wijk TO 105, aldus in koop ontvangen voor de somma van fl. 350,- te betalen gelijk bij het tekenen der koopbrief en vrij te aanvaarden op 12 mei 1826, de huurprijs van dit perceel is fl. 1,20 per maand, het verkochte met alles wat er toe en aan behoort wordt overgedragen in de staat zoals het door de verkoper is bezeten met lasten en bezwaren daarop leggende met de voor en nadelen zonder enige behaling op de verkoper.
1815 Hein Siebes koopman en Sietze Rintjes van der Ploeg mr timmerman beide woonachtig binnen Franeker verklaren op 07-01-1815 verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Tiete Siebrens Jaarsma schipper en Maatje Hendriks echtelieden binnen Franeker een huis met hof staande en gelegen in wijk TO 105 tot Franeker, bij Willem Annes Annema bewoond tot 12 mei 1815 daarna vrij te aanvaarden, begerechtigd met een uitgang naar de straat, de losse goederen zullen in de koop versmelten, aldus verkocht en geven voor de somma van fl. 400,- te betalen in alhier gangbare grof zilveren munten zonde enige obligatien of enig geld in papier in een termijn bij het tekenen der koopbrief op 12 mei 1815
1813 Om niet vermelde reden wordt deze openbare veiling ongeldig verklaard en volgt er op 18 maart 1813 en nieuwe openbare veiling waarin beide percelen te koop worden aangeboden en door Siebren Rintjes van der Ploeg mr timmerman te Franeker op perceel TO 106 een bod doet van fl. 1860,- of 3906 francs waarop Pieter Martens Offinga koopman te Arum het bod verhoogt met fl. 240,- of 504 francs wat door Jelle Banga wordt geaccepteerd in de finale palmslag, waarbij Pieter Martens Offinga verklaard dat er twee medekopers zijn Ane Jans Anema mr timmerman wonende te Arum en Sipke Lammerts Houtsma mr timmerman woonachtig te Pingjum, en op perceel TO 105 wordt door Siebe Rintjes van der Ploeg mr timmerman en Hein Siebes koopman te Franeker een bod gedaan van fl. 245 en 10 stuivers of 515 francs en 55 centimes wat door Jelle Banga wordt geaccepteerd in de finale palmslag te betalen in hollandsche guldens van 20 stuivers het stuk in alhier gangbaar grof zilveren munt naar de tegenwoordige koers in drie termijnen op 1 mei en 1 november 1813 en 1 mei 1814.
1813 Op 04-03-1813 in het logement van Johan Michael Bolger in TW 53 te Franeker verklaard Jelle Banga geneesheer binnen Franeker dat hij bij openbare veiling te koop aanbied ten eerste; een uitmuntend herenhuis met hof staande en gelegen aan de dijkstraat in wijk TO 106 laatst bij mij als eigenaar bewoond geweest en direct na de finale palmslag vrij te aanvaarden, ten tweede; een huis met hof staande en gelegen in wijk TO 105 te Franeker bij Joseph Loofhart met de dood ontruimt en dadelijk na de finale palmslag te aanvaarden, de losse goederen bij deze percelen behorende zullen in de koop versmelten, het eerste bod op perceel TO 106 van fl. 1475, of 3097 francs en 50 centime wordt gedaan door Lucas Pieters Hildema koopman te Franeker die ook fl. 205 en10 stuivers of 431 francs en 55 centime bied op perceel TO 105. Op donderdag 15 maart 1813 in het Heerenlogement wordt het bod op perceel TO 106 door Lucas Pieters Hildema verhoogt met fl. 75,- of 157 francs en 50 centimes waarop Bauke Siebren van Smeden het bod verhoogt tot fl. 1550,- of 3255 franc waarop Pieter Sipkes van der Wal wagenmaker woonachtig op TO 4 te Franeker het bod verhoogt met fl. 50,- of 105 franc brengende het totaal op fl. 1600,- of 3360 francs wat door de verkoper wordt geaccepteerd.
1810 Schuur wordt afgebroken en nieuwbouw van arbeiderswoning
1810 Jelle Banga, medicinae doctor koopt op 10-04-1810 een schuur en hof staande in het 2e oost 105 en een voortreffelijk huis en hof staande in het 2de oost 106, laatst bij mede verkoopster mejuffrouw Catharina Nauta bewoond geweest, van Mr. Willem Nauta, secretaris van Rauwerderhem, wonende te Rauwert, als gelastigde van mejuffrouw Trijntje Wijngaard, weduwe van Dr. Johannes Sjoerd Wijngaard, Rudolf Oostenbroek Nauta, secretaris van Engwirdum, wonende te Heerenveen, mejuffrouw Catharina Nauta, huisvrouw van Kiers, predikant te Hiaure en Bornwurd, voor de somma van 2880 cg en 10 stuivers te betalen in klinkende munten en vrij geld in een termijn op de 12e der bloeimaand 1810. Dat de hoofd goederen bij de twee huizen behorende en bij de aanvaarding gevonden worden in de koop zullen versmelten
1805 Trijntje Wijngaard, weduwe van Dr. Johannes Sjoerd Wijngaard
1781 Rudolf Nauta, advocaat
1769 Johanna Catharina Gerroltsma, weduwe van Willem Aukes Nauta, burgemeester
1740 Verbouw pakhuis tot stalling voor paarden en koetsen
1736 Willem Nauta mede regerende burgemeester van Franeker en Catharina Gerroltsma, echtelieden tot Franeker, kopen op 13-04-1736 een gerechte helft van een pakuis de ‘Folejacht’ genaamd, staande in de dijkstraat, bij de kopers als huurders in gebruik, ten tweede; een gerechte helft van twee huizen met hof, bij Ype van de Linde, Jacob Sjerps Popta en Albert Siebrens als huurders in gebruik, de wederheld behoort de verkopers broeder toe, belast met onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen, waterlozinge, riolen, aldus in koop bekomen van Nicolaus Fogelsangh chirurgus tot Amsterdam, voor de somma van 400 cg te betalen in baar geld en klinkende munten gelijk bij het tekenen de koopbrief.
1736 Pieter Vogelsangh en Henderina Garama