Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1738 Wijpkje Idses Lam vrouw van Schelte Franses Popta, drankhandelaar
1737 De erven van Evert Hendriks van der Helm
1736 Saakje Aukes Baarda weduwe van wijlen Evert Hendriks van der Helm, distilateur, woonachtig tot Franeker, koopt op 07-10-1736 een deftig huis met alles daaraan en toe behorende, staande en gelegen op de Breedeplaats, op 12 mei 1737 vrij van huur, de koperse zal boven het schoorsteengeld en huur genieten 36 cg, belast met het onderhoud van straat, bruggen, riolen, waterlozinge en staketten en de goot aan de oostgevel van het huis is mede ten bede van de heer Huber, aldus in koop bekomen van Schelte Franses Popta vroedsman der stad Franeker ter afbetaling van zijn schulden aan crediteuren, voor de somma van 550 gg te betalen in klinkende munten in drie termijnen bij het tekenen der koopbrief en op allerheiligen en op 1 mei 1737. Kosten proclamie 36 cg, 18 stuiver en 8 penningen
1727 Schelte Fransen Popta vroedsman en mr metselaar tot Franeker koopt op 28-11-1727 een huis cum annexis, staande en gelegen aan de stadsplaats, bij de proclamant bewoond, de losse goederen zullen in de koop vesmelten, aldus in koop bekomen van Georgius Huber J.U.Doctor tot Leeuwarden voor de somma van 400 gg te betalen in klinkende munten en geenzins in lands obligatien te voldoen in drie termijnen op 12 mei 1728, 1729 en 1730.
1726 Melis Pieters mr metselaar en Imkje Jacobs echtelieden tot Franeker kopen op 23-11-1726 een huis cum annexis, staande en gelegen op de hoek van de dijkstraat en de stadsplaats, belast met onderhoud van straten, wallen, bruggen en pijpen, waterlozinge en riolen, aldus in koop bekomen van Petrus Altena oud ontvanger der boelgoederen deser stad voor de somma van 300 gg te betalen in klinkende zilveren specie van gelde en niet met landschap obligatien in vier termijnen op 12 mei 1727 100 gg en vervolgens op 12 mei 1728, 1729 en 1730 100 gg. Georgius Huber tot Leeuwarden maakt gebruik van zijn niaarrecht waardoor de koop niet doorgaat en het huis verkocht wordt aan Georgius Huber J.U.D. tot Leeuwarden.
1718 Antje Jacobs echte huisvrouw van Jouke Monses, Janke Piebes echte huisvrouw van de burgemeester Cornelis Pieters Wagens en Henricus Piebenga wijnhandelaar allen woonachtig tot Franeker, gezamelijk erfgenamen van wijlen hun moeder Trijntje Doedes en de twee laatsten mede erfgenamen van wijlen hun vader de burgemeester Piebe Hendriks Piebenga en hoeders van het revesaal van 3 augustus 1696 van wijlen Jan Baukes Kiestra en Ytje Doedes Hoitema in tijden echtelieden binnen Franeker bekennen en verklaren op 31-03-1718 in ware eigendom verkocht en over gedragen te hebben aan Petrus Altena procureur en Luitske Annes echtelieden een heerlijk en wel ter nering staand huis cum annexis, staande en gelegen op de hoek van de stadsplaats binnen Franeker, voorzien van een put, secreet en regenwaterbak, vrij te aanvaarden op 12 mei 1718, belast met het onderhoud van straten, bruggen, waterlozinge en riolen, alzo verkocht en gegeven voor de somma van 265 gg te betalen in baar geld en klinkende munt in drie termijnen op 12 mei 1718, 1719 en 1720
1687 Jan Baukes Kiestra mr metselaar. De wat merkwaardige vorm van het pand is ontstaan in 1536 toen aan de oostzijde van de stadsplaats 5 nieuwe huizen werden gebouwd en dit huis de lijn van de dijkstraat moest volgen.
1698 Ytje Doedes, weduwe van Jan Baukes Kiestra, mr metselaar
1941 Foppe Anne Molenaar, koopman
1937 Aankoop zuidelijk deel erf van Sijbren Posthumus
1932 Verbouw tot woonhuis en winkel
1931 De heer Jochum Jans Boomsma handelaar in automobielen te Franeker verklaard op 31-12-1931 in volle vrijheid en eigendom verkocht te hebben aan Piet Molenaar handelaar in heren modes wonende te Franeker een autogarage met bovenwoning, grond, werkplaats en erf staande op de hoek van de breedeplaats en de dijkstraat Kad. Nr. Sectie A 2832 voor de somma van 15000,- de koopsom moet worden betaald op de dag der aanvaarding of uiterlijk op 15 maart 1932, het gekochte gaat op de koper over in de staat waarin het zich thans bevindt met lasten en lusten, zichtbare en verborgen gebreken, heerschende en lijdende erfdienstbaarheden, de ketel in de garage is van de Bataafsche import maatschappij welke verplicht is de ketel te verwijderen en de toestand in de garage te ordenen.