Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1890 Verbouw achterhuis, verkoop werkplaats aan Klaas Zondervan en nieuwbouw opslagschuurtje op achtererf noordzijde
1876 Op maandag 4 december1876 ten huize van castelein Mintje de Jong te Franeker wordt bij publieke veiling te koop aangeboden door Johannes Rientses Bosma boereknecht wonende te Pingjum, Frans Rientses Bosma castelein wonende te Dongjum, Dirk Rients Bosma koopman te Hitzum, Jacob Franses Postma landbouwer te Midlum, Johannes Franses Postma landbouwer te Pingjum, Geertje Franses Postma huisvrouw van Gerrit Jans Ypma landbouwer te Kubaard, Dirk Baukes de Boer landbouwer te Tirns als voogd over Age en Eeke Postma minderjarige kinderen van Frans Postma en Hiske Rientses Bosma in der tijd echtelieden wonende te Burgwerd en beide overleden, Minne Rietns Bosma koopman te Franeker voor zich en als toeziend voogd over de minderjarige kinderen Age en Ekke Franses Postma, een huis met erf staande en gelegen in de wijk TO 133 bij het roodbruggetje Kad. Nr. Sectie A 622 te Franeker, hebbende een vrije steeg ten oosten en belast met het onderhoud daarvan terwijl het belendende perceel het recht van waterlozinge heeft, de aanvaarding kan plaats hebben op 12 mei 1877, het perceel wordt verkocht zo goed en kwaad het moge zijn en zoals de verkoper het bezat met zichtbare en verborgen gebreken heersende en lijdende erfdienstbaarheden massaliteiten, belast met lusten en lasten en servituten en onderhoud van afscheidingen, straten, wallen, bruggen en waterlozinge, het eerste bod van fl. 2405,- wordt gedaan door Minne Rients Bosma koopman te Franeker waarop Gerrit Jongerhuis schoenmaker te Franeker een bod doet van fl. 3025,- wat niet meer verhoogd wordt en na de finale toewijzing aan hem wordt gegund, te betalen in alhier gangbare en klinkende munt acht dagen na de toewijzing.
1858 Eeke Tolsma weduwe van Rients Bosma te Tzum
1853 Op maandag 31 october 1853 in het logement van Offe Hoga in de koornbeurs te Franeker wordt bij openbare veiling te koop aangeboden door Harmen Coenraads Kanninga zadelmaker te Franeker een huis met erf en aan en toebehoeren staande en gelegen nabij het roodbruggetje in wijk TO 133 Kad, nr, sectie A 622, hebbende een steeg ten westen en geheel balast met het onderhoud daarvan terijl het belendende peceel recht van waterlozinge heeft, het geveilde wordt verkochte in de staat waarin het zich thans bevindt met aale zowel zichtbare als verborgen gebreken voorts met lasten en lusten gerechtigheden en mandeligheden, de koper mag het huis niet eerder verhuren dan na de volledige voldoening van de koopsom, de koper kan het huis aanvaarden op 12 mei 1854, het eerste bod van fl. 700,- wordt gedaan door Frederik Polsma zonder beroep wonende te Franeker. Op maandag 14 november 1853 in legement Het Posthuis van castelein Pol bied Pieter Isaac van Smeden koopman wonende te Franeker de somma van fl. 800,- welk bod niet meer verhoogd wordt en bij de finale verkoping aan hem wordt toegewezen.
1853 Harmen Coenraads Kanninga, zadelmaker is op 28-04-1853 eigenaar
1831 Trijntje van der Molen weduwe van Coenraad Kanninga
1828 Coenraad Kanninga zonder beroep woonachtig binnen Franeker verklaard op 11-12-1828 uit de hand te verkopen en in ware eigendom over te dragen aan Simke Ytzens de Haan kooltjer te Franeker woonachtig, een stuk grond waarop gestaan heeft een schuur of werkhuis staande in de wijk TO 132 behoord hebbende en in gebruik bij de verkopers huis en erf staande en gelegen in de wijk TO 133, de grond strekt zich uit achter het erf van de koper TO 131, het stek van scheiding ten westen van het huis TO 131 lopende tot aan de scheidsloot zal voor gemeenschappelijke rekening afgestekt moeten worden vanaf de zijmuur ten noorden van des kopers huis rechtdoor tot aan de scheidsloot, de grond is dadelijk door de koper te aanvaarden met belastingen en bezwaren daarop leggende voorst belast met het mandelig onderhoud van straten, wal, bruggen, waterlozinge en sloten, aldus verkocht en over genomen voor de somma van fl. 50,- te betalen gelijk bij het tekenen der koopbrief.
1828 Durkje Meinderts Posthumus weduwe van wijlen Taeke Betzauw wonende te Franeker verklaard op 03-10-1828 uit de hand te hebben verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben en zulks doende aan Coenraad Kanninga zonder bedrijf wonende te Franeker een huis, achterhuis en erf, staande en gelegen nabij het roodbruggetje binnen Franeker in de wijk TO 133, door wijlen Frederik Giel bewoond geweest en voor de koper dadelijk vrij te aanvaarden, bevoorrecht met een vrije steeg ten noorden, aldus gegeven en in koop ontvangen voor de somma van fl. 672,- te betalen in alhier gangbaar grof zilvergeld in een termijn op 1 mei 1829, de verkoperse zal betalen de kosten over deze verkoop en overdracht en het huis wordt overgedragen in de staat waarin het zich bevind met de voor en nadelen daarop leggende als stads en rijks belastingen.
1807 Achterhuis wordt een geheel met voorhuis
1806 Frederic Giel, Mr. wever en Anna Christoffel Benijn kopen op 23-10-1806 een huis met erf, plaats en bleek of tuin staande en gelegen nabij het roodbruggetje binnen Franeker, bij de echtelieden kopers bewoond, begerechtigd met een vrije steeg ten noorden, vrij te aanvaarden op 12 mei 1807 waar vanaf de voor en nadelen voor de kopers zijn, belast met actien, lasten, servituten, gerechtigheden, mandeligheden en onderhoud van straten, wallen, bruggen, waterlozinge en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Paulus Evert Scheltema, koopman voor de somma van 599 cg en 19 stuivers te doen betalen in een termijn bij het tekenen der koopbrief in alhier gangbaar zilveren geld zonder landschaps obligatien of voor geld gaande papieren.
1792 Nicolaas Everts Scheltema en Gesina Maria Nota voor de ene helft en Paulus Everts Scheltema, koopman,voor de andere helft kopen op 13-07-1792 van Pieter Lubbertus Formeer, Mr. blauwverwer te Bolsward een huis en blauwverwerij, bestaande uit een ruim voorhuis, een schone voorkamer met haard en bedsteed, twee kasten met glazen deuren ter zijde, ruime gang en achterkamer met twee bedsteden en een kast tussen beiden, een haardsteed, hebbende twee schuiframen uitziende op de plaats en een bloemtuin, een schone kelder, boven een ruime zolder en vliering, over de plaats een vuurkeuken met twee vuurkooien en voorts een grote verffabriek, voorzien van diverse blauwkuipen en ketels, hierachter een ruime turfschuur alwaar naast een drooghuis, als ook een groot afdak tot berging der gereedschappen, een bleek en een bloemtuin, een mandelige steeg ten zuiden en een vrije steeg ten noorden, voorts twee regenwaterbakken en drie putten, alles staande en gelegen bij het roodbruggetje. De kinderkribbe voor in de bedstee zal aan de bewoners vast blijven en is in de koop begrepen, evenals de schuttingen die tot aan de paardestallen staan en bij het verlaten van het huis niet mede mogen worden genomen alszo de wassende bloemen in de tuin. De kopers zijn verplicht om de houten schoorsteen, onlangs door den hevigen storm afgew aaid, voor den 12-5-1791 wederom op dezelfde hoogte, zo als voren geweest is, te laten maken en opzetten op des voorkamers schoorsteen, alsmede de dakpannen te laten bestrijken en de gebroken glazen te laten maken.
1781 Petrus Lubbartus Formeer, koopman te Bolsward, koopt een huis, verfwinkel en verdere gebouwen, staande en gelegen binnen Franeker, bij Jan Harings bewoond en in gebruik geweest, op 12 mei 1781 vrij te aanvaarden doch bezwaart met nog 10 jaren verhuur voor 50 cg jaarlijks, belast met actien, lasten, profijten, servituten en gerechtigheden als van ouds, de koper is verplicht de kuipen, ketels en alle gereedschappen en losse goederen behorende bij dit pand op taxatie over te nemen voor de somma van 1350 cg aldus in koop bekomen van Jan Dirks Dodinga, koopman voor de somma van 2000 cg te voldoen en betalen in baar geld en klinkende munt op 12 mei 1781.