1752 Thomaske Thomas Hogema, weduwe van Jan Jacobus de Groen
Archieven: Eigenaars
1743 Jan Jacobs Groen, koopman/brandewijnstoker en Thomaske Thomas Hogema echtelieden kopen op 22-02-1743 een heerlijk en deftig huis cum annexis, staande en gelegen op de hoek van de schoolsteeg bij de drie bruggen, bij de verkoperse als eigenaar bewoond en in gebruik, achter het huis het oude mennonieten vermaaningshuis waarvoor jaarlijks 7 stuivers grondpacht moet worden betaald, het huis heeft de vrijheid om in de ooster zijmuur van het vermaningshuis balken aan te leggen wanneer daar tegen aan tot gerief van dit huis, een keuken of iets anders, gebouwd wordt, de kopers zullen op taxatie overnemen de schoorsteenborden, bedplanken, losse staande en liggende haardplaten, ladders, kleerstokken, trappen, kraakje, kasten en zoveel de verkoperse wil missen, de verkoperse heeft de vrijheid om winkelspullen en huisgoederen in de achterkamer te behouden, alsmede de schel hangende aan de balken zo los te werken en mee te nemen, het huis heeft een uitgang in de schoolsteeg, belast met onderhoud van wallen, bruggen, schoolsteeg, riolen en waterlozinge aldus in koop bekomen van Lijsbeth Hoites weduwe van Jan Reinders Wassenaar voor haarzelf en als moeder en wettige voorstander van haar minderjarige zoon Reinder Wassenaar oud 23 jaren, literarum student te Franeker, voor 1120 gg.
1732 Lijsbeth Hoites, weduwe van Jan Reinders Wassenaar
1715 Jan Reinders Wassenaar en Liesbeth Hoites echtelieden binnen Franeker kopen op 13-12-1715 een huis met plaats en werkhuis daarachter staande en gelegen op de hoek van de schoolsteeg binnen Franeker, bij de kopers en verkopers bewoond en in gebruik, de kopers hebben tot gerief de vrijheid om in het werkhuis balken te leggen in de ooster zijmuur van het vermaningshuis waarna het vermaningshuis na 1 mei 1716 jaarlijks zal moeten betalen 7 stuivers grondpacht, de kopers zullen ontvangen de vuurplaten en standaarts zowel los als vast, de haardpoken in de gang, de schotelbank op de plaats, een ladder, schoorsteen bed en spijskamerplanken, de gordijnen voor het kraakbed, bierstellingen zullen in de koop versmelten, uitgezondert de wolkammers gereedschappen, wolkammersgoed in de winkel en een houten schutting met deur om naar de zolder te komen, belast met actien, lasten, profijten, servituten en gerechtigheden als van ouds, aldus in koop bekomen van Johannes Jans mr wolkammer tot Franeker voor zich en als vader en wettige voorstander over Maaike johannes bij wijlen zijn huisvrouw Maaike … in de echt verwekt voor de somma van 1700 cg te betalen op de volgende termijnen bij het tekenen der koopbrief 400 cg en op 12 mei 1716 en het resterende bedrag op 12 mei 1716 in baar geld en klinkende munt plus 30 cg voor de verkopers tegenwoordige vrouw en het kind en eerdere kinderen van verkoper onder haar te verdelen in drie gelijke parten.
1688 Johannes Jans, wolkammersgezel
1939 Douwe Kleefstra, meubelmaker
1929 verbouw, afbraak zuidelijk deel pakhuis
1926 Op maandag 11 october 1926 ten huize van Antje Smeding koopvrouw weduwe van Jan van Sijen in leven electricien te Franeker Godsacker 3 en aldaar overleden op 21 juli 1926, voor zich en als moeder voogdes over haar twee minderjarige kinderen Adriaantje en Reinder van Sijen geboren op 21 januari 1926 uit haar huwelijk met Jan van Sijen, Reinder Smeding barbier woonachtig te Stiens als toeziend voogd over de minderjarige kinderen, wordt door Herman Leijdesdorff koopman en taxateur wonende te Harlingen als deskundige door partijen benoemd en beedigd door de rechter van het kanton Harlingen op 25 augustus jongstleden de roerende en onroerende lichamelijke zaken overgaan en geregistreerd op Antje Smeding zijnde een winkelhuis met erf aan de Godsacker Kad. Nr. Sectie A 1139 getaxeerd op fl. 2432,- en zaakvorderingen ten laste van verschillende personen totaal ten bedrage van fl. 7542,- volgens taxatierapport van de goederen zich bevindende in de voorkamer, achterkamer, alkoof en winkel wordt de waarde vastgesteld op fl. 2434,15.
1917 Sijbe Riedhorst, mandenmaker
1881 Op maandag 13 juni 1881 in het koffiehuis “De Nederlanden” van kastelein Visser wordt bij openbare veiling te koop aangeboden door Dominicus Geertruidus Westra kandidaat notaris wonende te Franeker als speciaal gelastigde van Ubbo Knottnerus koopman te Franeker een koopmans of winkelhuis met plaats en bleek, staande en gelegen binnen Franeker bij de drie bruggen Kad. Nr. Sectie A 1139, de druivenboom voor de ramen van de bakkerij mag blijven staan maar mag niet hoger zijn opgeschoten dan voorlangs de twee beneden ruiten der ramen en de lichtscheppinge in de muur van de bakkerij, de koper van dit perceel moet overnemen de schoorsteenspiegel in de boven voorkamer en dito in het beneden zijkamertje voor fl. 25,- de gasleidingen en ornamenten voor fl. 15,- en de zeven paar zonneblinden voor fl. 25,- de toonbank en winkelopstellingen zowel los als vast worden voor de aanvaarding door de verkoper weg genomen, ten 2de een pakhuis cum annexis staande aan de schoolsteeg in wijk TO 146 uitmakende het oostelijk deel van het perceel Kad. Nr. Sectie A 1087, de koper van dit perceel moet overnemen de trap voor fl. 7,50, ten 3de een pakhuis met achter gelegen erf staande aan de schoolsteeg in de wijk TO 147 deel uitmakende van het westelijk deel van Kad. Nr. 1087, de koper van het 2de perceel moet bij aanvaarding de deur met kozijn tussen het 1ste en 2de perceel wegnemen en de opening ter dikte van de muur dicht metselen, terwijl de koper van het 2de perceel de deur met het kozijn tussen dit en het 3de perceel bij de aanvaarding weg moet nemen en de opening ter dikte van de muur dicht metselen, deze muur is de afscheiding tussen het 2de en 3de perceel, en lopende tussen de percelen in een rechte richtlijn zuidwaards tot een de houten schutting en is massaal in onderhoud, het raampje in de westelijk muur van het 2de perceel en uitziende op het erf van het 3de perceel mag daar blijven doch heeft de koper van het 3de perceel het recht om op zijn erf zodanige bebouwing of bomen te planten zoals het het verkiest, de deur met kozijn zich bevindende op de zolder tussen het 2de en 3de perceel moet door de kopers op eigen kosten weg genomen worden en dichtgemaakt, het 1ste perceel heeft het recht om de waterlozinge naar de zinkput zich bevindende bij het 3de perceel te gebruiken, Het eerste bod op het 1ste perceel wordt gedaan door Ouwe van der Veen banketbakker te Franeker met fl. 1133,- die ook het bod van fl. 756,99 op het 2de perceel bied en voor het 3de perceel bied hij fl. 653,- Op maandag 27 juni 1861 in de koornbeurs van kastelein van der Heide te Franeker wordt het bod op het 1ste perceel verhoogt door Ouwe van der Veen naar fl. 4333,- , het 2de perceel wordt verhoogt naar fl. 956,99 door Hermanus Osinga koopman en winkelier te Franeker en het 3de perceel door dezelfde naar fl. 753,- de heer Ouwe van der Veen hoogste bieder voor het 1ste perceel verklaard dat hij nu niet kan zeggen wie zijn lastgever is maar pas over 24 uur en als dit niet bekend wordt zal hij als koper/ eigenaar wordt aangemerkt van alle 3 percelen voor de koopsom in totaal van fl. 4333,- Ouwe van der Veen blijft in gebreke ten aanzien van de lastgever en wordt als eigenaar geregistreerd en moet de koopsom betalen in een termijn op 1 november 1881.
1862 Verbouw winkel en voorhuis tot pand met drie verdiepingen,gevelsteen met hert wordt geplaats in gevel van pand ten noorden, verbinding met pakhuis wordt verbouwd en het noordelijk deel van dit pand inclusief het noordelijk deel pakhuis wordt afgescheiden en zelfstandig woonhuis TO 145
1861 Cornelia Faber van beroep handel drijvende wonende te Franeker weduwe van wijlen Aggeus van der Meulen voor zich en als wederrechtelijke voogdes over haar minderjarige kinderen Antje Haitsma, Bouwe, Yme, Martha en Yde bij haar door haar wijlen echtgenoot in de echt verwekt, verklaard op 14-01-1861 te hebben verkocht en over gedragen aan de heren Ubbo Knottnerus wonende te Franeker en Edzardt Knottnerus zonder beroep wonende te Midlum ider voor de helft, een winkelhuis met plaats, tuin, erf, pakhuizen, tabakskerverij,entrepot benevens een huis met bakkerij met aanbehoren, staande en gelegen binnen Franeker in wijk TO 144, 145, 146 en 147 Kad. Nr. Sectie A 635 en 1087, thans bewoond door de verkoopster en het huis met bakkerij bewoond door Sietze van der Steeg, aldus verkocht en gegeven voor se somma van fl. 11500,- alle losse goederen zullen op taxatie over genomen moeten worden, de koopsom moet worden betaal op 12 mei 1861 6500,- in nederlands geld en het restand op 1 november 1861, zolang de volledige koopprijs niet is betaals mag het perceel niet worden verhuurd.