Archief Eigenaars
45742 resultaten
Klik voor info over het pand
1676 Tetje Gerroltsma en Hobbe Baerdt van Sminia
Klik voor info over het pand
1661 Lucia van Walta en Cornelis van Aersen heer van Somelsdijck en Spijck, kolonel over een regiment cavelarie voor de ene helft en de jonkheer Jarich van Heerema capitein majoor over een regiment te voet infanterie voor een 3/10 part, de jonkheer Minne Houwerda van Mekema rechter te Appingedam als vader en voogd de juffrouw Jette Lucia van Mekema mijn dochter bij wijlen zijn huisvrouw Catharina van Heema in de echt verwekt voor 1/10 part, Douwe van Walta als curator over Durk (Ocke) van Doijum voor1/10 part, tezamen voor het geheel verklaren op 22-03-1661 bij deze uit vrije wil verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Idzardus van Gerroltsma, gewezen rekenmeester deser provincie en tegemwoordig burgemeester der stede Franeker en zijn huisvrouw Ida van Baerdt, een zeker groot blauw leijendak dwarshuis, kelders, een grote roodpannen schuur, plaats en hof met bomen en een plantage, staande en gelegen aan den stadplaatse, thans bij de professor Joachim Frencelius als huurder bewoond en in gebruik die daaraan nog drie jaren huur heeft voor 110 cg jaarlijks, de vruchtbomen in de plantage met de grond van het hof daarachter en de twee sloten tot aan de staketten zijn bij de koop inbegrepen, de kopers zullen moeten regulieren voor het huis ernaast bij de notaris Pieter Alma nagelaten dat er geen lichtscheppinge op de plaats mogen scheppen dan alleen met concent van eigenaars, begerechtigd met een stem in het sjaardemaleen en de zwanenjacht, belast met actien, lasten, servituten, profijten en gerechtigheden als van ouds daartoe behorende, bezwaard met 55 stuivers jaarlijkse grondpacht en het onderhoud van staketten, muren, waterlozinge en andersins, verders het recht van grafsteden in de martinikerk, alzo gegeven en overgedragen voor de somma van 4900 gg te betalen in drie termijnen op 12 mei 1661, 1662 en 1663 dit alles in schadeloos geld.
Klik voor info over het pand
1660 Op 29-12-1660 zijn de eigenaren: Lucia van Walta voor de helft en Jarich van Heerema voor 3/10 part, Minno Houwerda van Mekema als vader en voogd over Jette Lucia van Mekema in de echt verwekt bij Catharina van Heerema voor 1/10part, Douwe van Walta als curator over Durk (Ocke, Orck ) van Doijum voor 1/10 part, en Idzardus Frans Pieter van Gerroltsma en zijn vrouw Ida van Baerdt, allen erfgenamen van Botnia
Klik voor info over het pand
1644 Luts van Botnia en Douwe Petrus van Walta
Klik voor info over het pand
1553 Tjalling van Botnia, Swob van Botnia en Luts van Botnia, erven van Jarich van Botnia
Klik voor info over het pand
1540 Jarich van Botnia, Grietman van Franekeradeel en Luts van Stania
Klik voor info over het pand
1512 Stins met groot hof
Klik voor info over het pand
1512 Tjallingh van Botnia en Froukje Jarichs. van Hottinga
Klik voor info over het pand
1921 De spaarbank Franeker
Klik voor info over het pand
1854 Diaconie Nederlandse Hervormde gemeente
Klik voor info over het pand
1853 De heer Gijsbertus Schot, notaris wonende te Franeker verklaard op 15-11-1853 onder voorbehoud gekocht te hebben een herenhuis met tuin, wagenhuis en stalling, staande en gelegen binnen Franeker aan de stadsplaats Kad. Nr. Sectie A 702 in de wijk EW 1 te Franeker, een perceel Kad. Nr. Sectie A 703 en een tuin Kad. Nr. Sectie A 704, het perceel Kad. Nr. 702 met het noordelijke inspringende deel van het perceel 704 over de gehele breedte en lengte hebbende van nagenoeg 25 el doorlopende van de zuidoosthoek van de muur ter afscheiding aan de westzijde dienende tot op de hoogte van de noordwesthoek van het perceel 703, voor en ten behoeve van de heren diakens der nederlandsch hervormde gemeente te Franeker in hoedanigheid van voogden van het diakonie weeshuis te Franeker voor de somma van fl. 4571,- een der comparanten de heer Jildert Jellema ijzerhandelaar te Franeker lid van het college van diaken der hervormde gemeente te Franeker verklaard voor het weeshuis dat dit is aangekocht door de notaris en in koop geaccepteerd en Richolt Lonneman verklaard dat de eerste comparanten de koop hebben aanvaard en zij hun geldbedragen hebben ontvangen en hij het perceel Kad. Nr 703 heeft gekocht van de notaris Gijsbertus Schot voor de somma van fl. 1400,- .( in de marge wordt het volgende vermeld; in gevolge van het proces verbaal van finale toewijzing op de 14de deser maand over de koop in deser acte door vermelde notaris en getuigen zijn gepasseerd, verklaren de comparanten dat het voren gemelde proces verbaal niet bij hun bekend is en ook niet bij hun bekend is dat er een overschrijving ten kantoor van de notaris is gedaan en ook geen eigendoms overdracht is getekend.)
Klik voor info over het pand
1853 Op maandag 31 october 1853 in de koornbeurs te Franeker wordt bij openbare verkoop te koop aangeboden door de gezamelijke erfgenamen van Oeke Adama, (namen niet ingevuld omdat het een zeer gecompliceerde zaak is en er ruim 20 personen met familie beschreven worden als erfgenamen plus de volledige inventaris van het perceel en de eigendommen van Oeke Adama beschreven worden, totaal dossier is 18 pagina's. Een aantal erfgenamen zijn als wees inwonende bij Oeke Adama), een herenhuis met tuin en erf staande en gelegen aan de breedeplaats te Franeker in de wijk EW 1 Kad. Nr. Sectie A 702, bij mejuffrouw Oeke Adama bewoond en in gebruikt en met de dood ontruimt, begerechtigd met een stem in het sjaardemaleen en pro quota de zwanenjacht, op 8 december 1853 door de koper te aanvaarden, de koper zal de deur in de erfscheiding tussen dit en het volgende perceel mogen wegnemen, de spiegels in de schoorstenen van voor en tuinkamer, de kledingkasten in het portaal, de glazenkast in de kleine keuken, het kippenhok met de loop in de tuin worden niet mede verkocht, Ten 2de: een huis met wagenhuis en stalling, staande en gelegen naast het vorige perceel in de kerkstraat te Franeker, Kad. Nr. Sectie A 703, bij Coenraad Persch in gebruikt, op 12 mei 1854 te aanvaarden, de kopers van dit perceel zal de deur in de noorderlijke muur met het kozijn en raam weg moeten nemen en dichtmetselen, Ten 3de een tuin Kad. Nr. Sectie A 704 gelegen naast het 2de perceel, alsmede 4 graven op de begraafplaats buiten Franeker Kad. Nr. Sectie B 196, in vak A zijnde de nr. 95 en 97 en in vak B de nr. 218 en 219, de kosten bij deze verkoping als kamerhuur en verteringen, oproepen, zegels en billetten, redistratierechten en proces verbaal komen voor de koper, de hoed en noed gaan dadelijk na de finale toewijzing over op de koper, het geveilde wordt verkocht zo goed en kwaad het is met lusten en lasten, sevituten, gerechtig en mandeligheden daartoe en aan behorende, de heg tot scheiding tussen het 1ste en 2de perceel staande behoort bij het 1ste perceel, de koper zal de opening ontstaan door het wegnemen van de deur moeten dichtmaken hetzij door het planten van bomen en is gerechtigd de heg weg te nemen en een stek of muur voor zijn rekening te laten maken en te onderhouden, de bewoners van het 2de perceel zullen tot 12 mei 1854 de vrijheid hebben de voor hun gezin benodigde regenwater te halen uit de regenbal behorende bij het 1ste perceel, de muur aan de noordzijde van het 1ste perceel is eigendom van de stad Franeker, de koper zal verplicht zijn bij iedere oproeping van de collatoren van het sjaardemaleen een procuratie af te geven op zodanige persoon als welke hem door de uitvoerders der uiterste wilsbeschikking van de erflaterse Mejuffrouw Oeke Adama zal worden opgegeven ten einde bij die oproepingen al dat gene te verrichten wat de koper alsmede de collatoren zouden kunnen doen zonder enige beperking of speciaal beding, doch alleen tot zolang als een zoon van den heer Anastasius Josephus Bruinsma, zonder beroep, wonende te Leeuwarden met een gedeelte van het leen zal zijn begiftigd, het eerste bod op het 1ste perceel wordt gedaan door Frans Schaafsma zonder beroep wonende te Franeker met fl. 3363,- het bod op het 2de perceel wordt gedaan door Jozef Tombrock koopman wonende te Franeker met fl. 585,- Op maandag 14 november 1853 in het logement van der Pol te Franeker wordt het bod op het 1ste perceel verhoogt naar fl. 3963,- het bod op het 2de perceel wordt verhoogt naar fl. 718.- tezamen fl. 4681,- waarop Philippus Roorda bakker te Franeker het bod verhoogt met fl. 390,- wat door de notaris Gijsbertus Schot weer verhoogt wordt met fl. 900,- tezamen nu fl 5971,- te betalen in termijnen vanaf 1 januari 1854 in nederlandsche gulden en klinkende en alhier goed gangbare munt en geenzins met voor geld gaande papieren of effecten.
Pagina 379 van 3812