Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1766 Bernardus Jorna, predikant te Welsrijp en Tjepke Gratema, koopman te Harlingen
1755 Dominicus Bernardus Jorna predikant teTzum, en de vroedsman Tjepke Hillema te Harlingen kopen op 21-03-1755 een huis met bakkerij, staande en gelegen bij de boterpijp, belast met 54 stuivers jaarlijkse grondpacht, bij finale palmslag direct vrij te aanvaarden, het schoorsteen en lantarengeld komt ten laste van de kopers, aldus in koop bekomen van Aebele Klases Eestra, mr bakker en Martha Johannes Beekma echtelieden te Franeker, voor de somma van 1300 gg te betalen in drie termijnen op 12 mei en 12 november 1755 en op het laatste termijn een korting van 100 cg wegen strijkgeld. (Johannes Pive als vader en wettige voorstander over zijn minderjarige zoon Pieter bij Baukje Siebrens Brouwer in de echt verwekt, protesteerd tegen de verkoop aan de predikant Jorna en de vroedsman Hillema omdat hij ook een brief heeft waarin Aebele Klases schrijft dat als Pieter 25 jaar is de bakkerij over mag nemen.)
1741 Aebele Klases Eestra mr bakker tot Franeker koopt op 20-11-1741 een huis met bakkerij en hof, staande en gelegen op de voorstraat hier ter stede, bij Johannes Pive als eigenaar bewoond en in gebruik tot 12 november 1741, de verkoper heeft het recht om tot 12 mei 1742 in de opkamer boven de kelder te blijven wonen voor de somma van 70 cg jaarlijks huur, belast met 36 stuivers jaarlijkse grondpacht te betalen aan de vroedsman K. Ringers en 18 stuivers grondpacht te betalen aan de weduwe van de vroedsman Wiebe Andries Wijbenga, alle bakkers gereedschappen zullen op taxatie van onpartijdige mannen verkocht worden en te betalen in een termijn in baar geld en klinkende munt, belast met het onderhoud van straat, wallen, bruggen, pijpen, riolen, waterlozinge en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Johannes Pive mr. Bakker voor mijzelf en als vader en wettige voorstander over mijn minderjarig zoontje Pieter Johannes Pive bij wijlen mijn huisvrouw Baukje Siebrens in de echt verwekt, voor de somma van 2500 cg en twee ducaten ter vereering van mijn zoontje, te betalen in baar geld en klinkende munten in een termijn bij het passeren der koopbrief. Johannes Pive bedingt en conditioneert met de koper dat 1000 cg blijven staan op het huis zodat later zijn zoon Pieter de bakkerij over kan nemen.
1738 Pieter Lijckles mr bakker tot Franeker verklaard op 01-09-1738 verkocht en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Johannes Pive en Baukje Siebrens Brouwer echtelieden binnen Franeker, een huis met hof en bakkerij, staande en gelegen aan de voorstraat over de boterpijp, bij de verkoper bewoond en in gebruik, belast met 1 cg en 16 stuivers jaarlijkse grondpacht te betalen aan de vroedsman Keimpe Ringers, en 8 stuivers aan de procureur Meilma, het onderhoud van de staketten en de muur om het hof heen zijn mandelig, voorst belast met actien, servituten, lasten, profijten en gerechtigheden als vanouds, de kopers zullen het huis, hof en bakkerij ontvangen zo groot en klein, goed en kwaad als het mag wezen met alles wat daar om en aan aard, muur, band, spijker en nagelvast is en behoord te zijn, de kopers zijn verplicht over te nemen en gelijk te betalen alle bakkersgereedschappen en turf voor de somma van 280 cg en 2 gouden ducaten, aldus verkocht en gegeven voor de somma van 1250 cg te betalen in baar geld en klinkende munt in een termijn zonder landschaps of voor geld gaande obligatien.
1736 Pieter Lijckles, mr bakker en Tetje Stevens Wassenaar
1720 De erven van Lijckle Johannes
1715 Lykle Johannes mr bakker cum uxore tot Franeker koopt op 08-02-1715 een huis met hof cum annexis met al het gene daar om en aan aard, band, spijker en nagelvast is, staande en gelegen in voorschreven stad bij de boterpijp, de staketten en de muur om het hof zijn mandelig in onderhoud, hebbende een vrije opslag op de wal voor het huis van burgemeester Horriuis, belast met 1 cg en 16 stuivers jaarlijkse grondpacht te betalen aan de erfgenamen van vrouwe Susanna van Burmania weduwe van Harinxma en nog 18 stuivers jaarlijkse grondpacht aan de landmeter Meilsma, bezwaart met nog een jaar verhuur aan mr Sibrandus Faber voor de somma van 90 cg, aldus in koop bekomen van Hein Jansen en Aukje Jetzes echtelieden kooplieden binnen Franeker voor de somma van 1600 cg te betalen op 1 mei 1715 in vrij geld en klinkende munt zonder landschaps obligatien.
1704 Hein Jansen Fetermaker, mr glasmaker en Aukje Jetzes
1704 Woonhuis met hof en werkplaats
1939 Verbouw beneden voorgevel en winkel
1938 Foppe Molenaar, koopman in galanterien
1938 Jacob Tol, koopman