1837 Lucius Scheltema, koopman, is op 22-12-1837 eigenaar
Archieven: Eigenaars
1794 Paulus Everts Scheltema, koopman
1783 Kinderen van Evert Scheltema
1765 Lutske Altena, huisvrouw van Evert Scheltema, vroedsman, kopen op 04-10-1765 een huis met hof, staande en gelegen aan de Voorstraat, van Andries Salverda, burgemeester en Aggeus Eidsma, vroedsman, als curatoren over Sjouke Harkema, nagelaten minderjarige zoon van Harke Harkema en Antje Adama en Pieter en Aukje Harkema minderjarige nagelaten kinderen van Harke Harkema bij Yke Pieters Ykema in de echt verwekt. Bij wijlen de vroedsman Harke Harkema bewoond geweest.
1750 Harke Harkema, fiscaal en Antje Adema, echtelieden te Franeker, kopen op 26-06-1750 een deftig huis met hof, staande en gelegen op de voorstraat nabij de boterpijp, bij de kopers als huurder bewoond en in gebruik, belast met quoteel onderhoud van de wal samen met de weduwe van Pieter Cornelis alsmede onderhoud van de boterpijp, riolen, waterlozinge, staketten, muren en lantarengeld, hebbende een vrije steeg masaal met de weduwe Pieter Cornelis ten westen, aldus in koop bekomen van Aebe Klases Eestra mr bakker en Marta Johannes Beekma, echtelieden, voor de somma van 2019 cg te betalen in baar geld en klinkende munt in drie termijn bij het passeren der koopbrief, en op 12 mei 1751 en 1752.
1749 Harke Harkema, fiscaal en Antje Adema, echtelieden te Franeker, kopen op 21-11-1749 een deftig huis met hof, staande en gelegen op de voorstraat, bij de kopers als huurder bewoond en in gebruik, belast onderhoud straten, staketten, muren, waterlozinge, lantarengeld en quoteel onderhoud van de walen de boterpijp met de weduwe van Pieter Cornelis, hebbende een vrije steeg masaal met de weduwe van Pieter Cornelis, aldus in koop bekomen van Petrus Horrius VDM te Kubaard en Waaxens als curator over de kinderen van wijlen de boekverkoper Frederik Horrius voor de somma van 1950 cg te betalen in drie termijnen op 1 mei 1750, 1751 en 1752 in baar geld en klinkende munten. Kosten proclamatie en koopbrief 34 cg en 15 stuiver. ( Koop gaat in eerste instantie niet door wegens bezwaar van Aebe Klases Eestra die het pakhuis achter het huis in gebruik heeft en een huur overeenkomst met de familie Horrius heeft met een optie tot koop van het voorhuis.
1729 Frederik Jacobus zoon van Jacobus Horrius
1691 Nieuwbouw werkplaats/pakhuis
1691 Jacobus Horrius, drukker en boekverkoper
1599 Nieuwbouw van deftig en royaal woonhuis met hof
1599 Gijsbart Franses Ens, burgemeester
1920 Op 15 october 1920 verklaard Pieter Andringa landbouwer te Ried en thans woonachtig te Harlingen verkocht en te zullen leveren aan de heren Ids Jans Kuipers koopman en Nanne Dirks Hoekstra gardenier, beide wonende te Schalsum, een woning waarin een huis, winkel met een hok, plaats en massale steeg, staande en liggende aan de voorstraat te Franeker Kad. Nr. Sectie A 1684, het portaaltje achter de gang het meidenkamertje en de keuken bevinden zich onder de zolder van het ten oosten belendende pakhuis van de heer Jan Drager Kad. Nr. 1683 welk al reeds bestond voor de verkoop van het pakhuis en sedert altijd zo is gebleven, het verkochte heeft recht van waterlozinge onder de tuin van perceel Kad. Nr. 1622, is begerechtigd met een massale steeg ten oosten en heeft het recht om in de oostelijke muur een kozijn en deur te plaatsen ten einde het massale medegebruik en onderhoud te erlangen van de bedoelde steeg, de in de gebouwen aanwezige koopmanschappen tot de door de verkoper gedreven handel in landbouw gereedschappen zijn bij de koop inbegrepen behalve het zink en gegalvaniseerd draad, de koper kan het gekochte aanvaarden op 6 october in de staat en toestand waarin het zich thans bevindt, de verkoper verklaard zich te verbinden om in Franeker en rond liggende dorpen nog voor zich nog voor anderen nog met en door anderen nimmer meer handel te drijven in landbouw gereedschappen of soort gelijke artikelen in de ruimste zin des woord behalve grossierderij, bij overtreding van dit gebod krijgt de verkoper een boete krijgen van fl,. 10.000 per overtreding, aldus verkocht en gegeven voor de somma van fl. 12000,- voor het onroerende goed en fl. 13000,- voor het roerende goed te betalen uiterlijk op 31 october 1920.