1884 Hotze de Jong jr., bakker
Archieven: Eigenaars
1856 Op maandag 3 november 1856 in de sociteit van Jan de Jager aan de breedeplaats te Franeker wordt in een openbare veiling te koop aangeboden door Lodewijk Petraeus zonder beroep als gelastigde van Jan Waiboer genees- heel en vroedmeester en Trijntje Hoffman zijn echtgenote wonende te Wieringen, Jeltje Hoffman weduwe van wijlen Andries Hermannus Swerms wonende te Franeker voor zich en als moeder en wettige voogdes over haar minderjarige kinderen Johannes, Baltazar, Geertje en Andries Hermannus Swerms geboren uit haar huwelijk met wijlen haar man, Rutger Hoffman mr bakker wonende te Sneek en Jacob Kok koopman wonende te Bolsward als toeziend voogd over de minderjarige kinderen voornoemd, een huis met bakkerij, pakhuis, tuin en erf staande en gelegen in de wijk EW 12 te Franeker Kad. Nr. Sectie A 714, bij Lucas Wiel in gebruik, de aanvaarding kan plaats hebben op 12 mei 1857, de koper zal op de dag der aanvaarding tegen contante betaling moeten overnemen de toonbank, schalen, alle planken, trommels en kisten in het voorhuis alsmede alle koek en banket gereedschappen, het geveilde wordt verkocht zo goed em kwaad het is met lusten, lasten, servituten en gerechtig en mandeligheden, het eerste bod van fl. 1856,- wordt gedaan door Nicolaas Philippus Roorda zonder beroep wonende te Franeker. Op maandag 17 november 1856 in de koornbeurs van Offe Hoga te Franeker wordt het eerste bod verhoogt door Hotze de Jong mr bakker wonende te Franeker naar fl. 2256,- waarna de notaris het perceel finaal toewijst aan hoogste bieder,te betalen in klinkende alhier gangbare munt zonder voor papieren gaand geld of effecten in twee termijnen op 1 mei en 1 november 1857
1832 Op dinsdag 10 januari 1832 in het sterfhuis van wijlen Grietje Pieters van der Veen weduwe van wijlen Jan Aitema te Franeker en aldaar overleden in wijk EW 12 wordt na een familieberaad besloten door de welerwaarden en hoog geleerde heer Anske Lam predikant bij de gemeente der hervormden te Marssum als voogd over de minderjarige kinderen van Jan Aitema in leven koek en banketbakker te Franeker en aldaar overleden op 18 april 1822 en Grietje Pieters van der Veen overleden op 5 mei 1831, zijnde Pieter oud 16 jaren en Johannes Aitema oud 12 jaren bijgestaan door Berend Kruse koekbakker wonende te Franeker als toeziend voogd, dat de goederen ten sterfhuize getaxeerd en verkocht zullen worden en de onroerende goederen op nader te bepalen datum in een openbare veiling te koop worden aangeboden.( de goederen beslaan 15 pagina’s en de totale waarde van goederen en onroerende goederen is fl. 5603,51). Op maandag 2 april 1832 in het koffiehuis van Jan de Jager aan de breedeplaats te Franeker wordt in een openbare veiling te koop aangeboden een huis met bakkerij en erf, staande en gelegen aan de voorstraat in de wijk EW 12 te Franeker, bestaande uit een voorhuis, kelderkamers met een raam aan de straat, haardsteed, besteed en kast, onder deze kamer een uitmuntende kelder, een grote achterkamer met twee ramen met haardstee, bedstee en kast, een gang naar een bedstee, een portaal met schotelbank, een slaapvertrek met bedstee en kledingkast, de bakkerij met een put, zoethuis naast de bakkerij, een plaats met regenwaterbak, achter de bakkerij en zoethuis een hofje, een voorboven kamer met haardstee, bedstee en kast, een zolder, boven het achterste gedeelte van het huis een builzolder en graanzolder, de kosten van zegels, billetten, omroepen, trommelen en registratierechten en verteringen zijn voor de koper, de losse goederen behorende bij dit peceel en bakkerij als toonbank, winkelplanken, bakkerij gereedschappen ontvangt de koper bij aanvaarding op taxatie van twee onpartijdige personen, het eerste bod van fl. 1076,- wordt gedaan door Jouwert Jouwersma kantoorbediende wonende te Franeker waarop Andries Stinstra notaris te Franeker het bod verhoogt met fl. 150,- waarop Johannes Bathazar Hoffman koekbakker te Franeker fl. 1676,- bied en het perceel aan hem wordt toegewezen, te betalen in twee termijnen in alhier gangbaar grof zilvergeld op 12 mei 1832 en 1833
1822 Grietje Pieters van der Veen, koekbakkerse weduwe van Jan Lambertus Aitema
1807 Jan Aitema, Mr. koekebakker en Grietje Pieters van der Veen echtelieden tot Franeker kopen op 23-08-1807 een huis, koekebakkerij en erf, staande en gelegen aan de voorstraat in de wijk EW 12 binnen Franeker, is 8 dagen na de ondertekening vrij te aanvaarden, belast met actien, servituten, lasten en gerechtigheden zoals van ouds, de kopers zijn verplicht om de winkel, winkel- en bakkers gereedschappen alsmede de losse goederen over te nemen voor de somma van 500 cg en gelijk te betalen, aldus in koop bekomen van Klaas Johannes Sannes, Koopman en Mr. koekebakker, voor zich zelf en door scheiding in eigendom bekomen van zijn zuster IJnskje Johannes Sannes, weduwe van Hessel Berends Feddes te Leeuwarden voor de somma van 2500 cg te betalen in klinkende en alhier goed gangbare munt en geenzins met landschaps obligatien in een termijn op de dag der betekening van de koopbrief.
1799 Klaas Johannes Sannes, koopman en mr koekebakker
1762 Johannes Sannes, koopman en mr bakker en Pietje Eiberts kopen op 12-10-1762 een voortreffelijk huis en koekebakkerij en hof, staande en gelegen aan de voorstraat, bij Tjeerd van Esta bewoond. De kopers zullen op 12 mei 1763 de bakkerij gereedschappen, de huisraden, winkel en winkelwaren en alles wat daarbij behoort en de losse goederen die bij het huis behoren op taxatie van twee onpartijdige personen over moeten nemen, op 12 mei 1763 vrij te aanvaarden, tot die tijd heeft de koopman Tjeerd van Esta cum uxore vrije bewoning, de hoed en noed komen vanaf die tijd voor de echtelieden kopers, belast met het onderhoud van de straat, wal, pijpen en bruggen, riolen, waterlozinge, muren en staketten en lantarengeld, verders met actien, servituten, lasten en gerechtigheden, aldus in koop bekomen van Pier Hessels Dijkstra, burgemeester en Andries Salverda, oud burgemeester als curatoren over Jan Wassenaar en Neeltje Jans van Schoorl huisvrouw van de koopman Tjeerd Fokkes van Esta voor de somma van 1650 gg te betalen in baar geld en klinkende munt in twee termijnen op 12 mei 1763 en 1764, de echtelieden kopers zullen voor zich behouden de somma van 890 cg uit respect voor de minderjarige Jan Wassenaar die na meerderjarig te zijn de somma moet ontvangen.
1756 Neeltje Jans van Schoorl, weduwe van Jan Beerns Wassenaar
1740 Jan Beerns Wassenaar mr bakker en vroedsman en Neeltje Jans van Schoorl echtelieden tot Franeker, kopen op 01-04-1740 een deftig huis met een neringrijke koekbakkerij en hof, staande en gelegen op de voorstraat, bij Antje Oudkerk weduwe van Melis Martens Marnstra met de dood nagelaten, de koper moet op 12 mei 1740 op taxatie van twee onpartijdige personen overnemen alle koekbakkerij gereedschappen, de gebakte waren, granen, bakkersturf, meel, zemelen, honing, siroop in de vaten, winkelbank, planken, kasten, kramen, kleden, de rompen gebakken koek en andere koekbakkerswaren, staande en liggende haardpalen, spijskamer en schoorsteenborden, bedsplanken en verder de gehele inboedel en dit alles gelijk te betalen, belast met het onderhoud van straat, wallen, bruggen en pijpen, riolen, waterlozinge en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Adrianus Oudkerk predikant tot Rijperkerk en Sieno Oudkerk predikant te Haamstede in Zeeland als erfgenamen van hun moeder Antje Oudkerk voor de somma van 1900 gg te betalen in baar geld en klinkende munten in drie termijnen op 12 mei 1740, 1741 en 1742. De kosten gemaakt voor het proclameren, het schrijven van de koopbrief, het plakken van de plakaten, het verzenden en de zegels, de trommelslagen en de verteringen in de herberg komen voor de verkopers.
1735 Antje Oudkerk, weduwe van Melis Martens Marnstra
1726 Dietske Offringa gesterk met haar man Suffridus Oosterga wonende te Leeuwarden bekent op 10-07-1726 verkocht te hebben aan Melis Martens en Antje Arjens echtelieden tot Franeker mijn schoon en deftig huis met hof daarachter, staande en gelegen nabij de boterpijp, bij de echtelieden kopers als huurders bewoont en in gebruik, al het gene in de achter galerij van dit huis gebouwd tegen het naast gelegen huis ten oosten en aldaar ter bede is gelegd, namelijk het gene op de muur is vastgemaakt volgens acte van 1 december 1716 behoort de muur welke van het achterste gedeelte van het huis tot aan de keuken loopt alleen aan dit huis behoort, aldus verkocht voor de somma van 1600 cg en dat de koopschat zal worden betaald in goed klinkende munten in twee termijnen op 1 augustus 1726 en 1 februari 1727. De kopers zullen alle onkosten gemaakt ter verkoping moeten betalen.
1722 Sijke Eelckes Banga, weduwe van Gellius Offringa