Archieven: Eigenaars

<p>Beschrijving</p>
1831 Anna Maria van der wal weduwe van Dirk Jorritsma
1818 Op vrijdag 24 juli 1818 in het sterfhuis van wijlen Johannes Dirks Jorritsma in leven mr zilversmid te Franeker wonende in het huis wijk EW 13 wordt door de notaris Andries Stinstra het testament en nalatenschap bekend gemaakt waarin de kinderen erfgenamen zijn, Ate Jorritsma voor een legitieme portie en de overigen gelijke delen voor de kinderen Dirk, Aaltje, Simon,en Anke Jorritsma en benevens Allert indien hij in leven mocht zijn, voor zijn zoon Dirk bovendien alle gereedschappen en modellen die tot de zilversmederij behoren met het recht om het huis EW 13 door de overleden bewoond geweest alsmede de voorraad goud en zilver op taxatie over mag overnemen, voor de waardering van het goed en zilver zijn benoemd Lammert Salverda en Jacobus Oosterloo beide mr zilversmeden te Franeker, voor de meubelen, huisraad en inboeldel Jan Klases van der Bank bankhouder en voor het huis Hessel Risselada burgemeester en Johannes Pook grutter, al deze taxateurs te Franeker woonachtig zijn kundig en onpartijdig, zij zullen in de eerste plaats overgaan tot het inventarisatie van het gemaakte goud en zilverwerk in de kasten voorhanden waarna de taxatie volgt, wat tevens kan dienen aan de mede erfgenaam Dirk Jorritsma om te bepalen wat hij zal verkiezen om over te nemen, (dan volgt een lange lijst van voorwerpen die op waarde worden geschat, een paar opmerkelijke zaken zijn): 6 oorijzers fl. 584,14; contant geld fl. 168,88; 2 aanstekers en 2 zonhoedgespen fl. 314,-; 28 horlogekettingen fl. 88,-; 2 brandewijnkoppen fl. 37,28; 26 schoengespen fl. 674,12; 12 paar lepels en vorken fl. 66,17, het totale bedrag van de taxatie der goederen is fl 8676,30, het perceel EW 13 wordt door Dirk overgenomen voor een bedrag van fl. 1900,-
1776 Johannes Dirks Jorritsma, zilversmid. Nieuwbouw zomerhuisje in het hof westzijde
1754 Anke Simons van der Terp, weduwe van Dirk Ates Jorritsma
1740 Dirk Ates Jorritsma mr zilversmid en Anna Simons van der Terp echtelieden tot Franeker, kopen op 25-03-1740 een deftis en heerlijk huis met hof, staande en gelegen aan de voorstraat, bij Wientjen Ros als huurder bewoont tot 12 mei 1740 voor 100cg jaarlijks, de losse goederen als staande en liggende haardplaten, spijskamer en schoorsteenborden, bedsplanken etc zullen in de koop versmelten, belast met onderhoud van straat, wallen, bruggen en pijpen, staketten en lantarengeld, aldus in koop bekomen van Tiberius Frison mr chirurgijn te Dronrijp en Catharina Frison erfgenamen van wijlen hun ouders Frans Frison, pasteibakker en Marieke Sikkes voor de somma van 2400 cg te betalen in baar geld en klinkende munten in vier termijnen op 12 mei 1740, 1741, 1743 en 1743.
1723 Marijke Sickens weduwe van Franciscus Frison
1711 Aaltje Swalua weduwe van wijlen Davidus Melchior Zingel, lakenkoperse binnen Franeker verklaard en bekend op 2 maart 1711 verkocht te hebben en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Frans Frison mr pasteibakker en Marijke Sikkes echtelieden burgers binnen Franeker, mijn huis en hof zoals ik tegenwoordig bewoon staande aan de voorstraat tot Franeker, hebbende een vrije steeg ten westen, belast met nog een jaar verhuur van 12 mei 1711 tot 12 mei 1712 zonder huur te betalen, voorts belast met het onderhoud van staketten en ringmuur als van ouds en actien, servituten en gerechtigheden, alle staande en liggende haardplaten, spijskamer en schoorsteenborden en bedsplanken zullen in de koop versmelten, aldus verkocht voor de somma van 2850 cg te betalen in goed gangbaar geld en klinkende munten en niet met lands obligatien in een termijn op 12 mei 1711. (de procureur Hilarius Petri als gelastigde van Johannes Coopmans te Leeuwarden en Dirk Horsman verklaard bezwaar te naken tegen de verkoop omdat zij het recht van eerste koop hebben gekregen van Hein Jansen koopman te Franeker en Hendrik la Plae koopman tot Leiden beide crediteuren van Aaltje Swaluws en dat de crediteuren aan Froukje Fullenius weduwe van Balthaser Bekker te Jelsum als erfgename van wijlen Barend Cuipers in leven koopman te Amsterdam, de proclamatie hadden toegezegd, bezwaar wordt afgewezen.)
1711 Deftig en royaal woonhuis met winkel en hof
1711 Aaltje Swalua weduwe van wijlen Davidus Melchior Zingel, lakenkoperse binnen Franeker verklaard en bekend op 2 maart 1711 verkocht te hebben en in ware eigendom over gedragen te hebben aan Frans Frison mr pasteibakker en Marijke Sikkes echtelieden burgers binnen Franeker, mijn huis en hof zoals ik tegenwoordig bewoon staande aan de voorstraat tot Franeker, hebbende een vrije steeg ten westen, belast met nog een jaar verhuur van 12 mei 1711 tot 12 mei 1712 zonder huur te betalen, voorts belast met het onderhoud van staketten en ringmuur als van ouds en actien, servituten en gerechtigheden, alle staande en liggende haardplaten, spijskamer en schoorsteenborden en bedsplanken zullen in de koop versmelten, aldus verkocht voor de somma van 2850 cg te betalen in goed gangbaar geld en klinkende munten en niet met lands obligatien in een termijn op 12 mei 1711. (de procureur Hilarius Petri als gelastigde van Johannes Coopmans te Leeuwarden en Dirk Horsman verklaard bezwaar te naken tegen de verkoop omdat zij het recht van eerste koop hebben gekregen van Hein Jansen koopman te Franeker en Hendrik la Plae koopman tot Leiden beide crediteuren van Aaltje Swaluws en dat de crediteuren aan Froukje Fullenius weduwe van Balthaser Bekker te Jelsum als erfgename van wijlen Barend Cuipers in leven koopman te Amsterdam, de proclamatie hadden toegezegd, bezwaar wordt afgewezen.)
1711 Deftig en royaal woonhuis met winkel en hof
1922 Op maandag 24 april 1922 in hotel “De Nieuwe Doelen” te Franeker wordt in een openbare veiling te koop aangeboden door Sjoerd Kuiphof kandidaat deurwaarder als gelastigde van Hotze de Jong cafehouder wonende Franeker voor zich en als vader en voogd over zijn minderjarige zoon Minne de Jong en als toeziend voogd over de minderjarige Grietje en Rinske Steensma, Thomas de Jong manufacturier wonende te Ede voor zich en als toeziend voog over de minderjarige Fokke de Jong, Jouke van der Werf ingenieur wonende te Montevideo in Zuid Amerika in algehele gemeenschap van goederen getrouwd met Grietje de Jong, Pieter Steenstra techniesch medewerker aan de maatschappij “Nederland” wonende te Schoten bij Haarlem in algehele gemeenschap van goederen getrouwd met Geertje de Jong, Carolina van Zielst weduwe van Fokke de Jong huishoudster wonende te Amsterdam als moeder en voogdes over haar minderjarige zoon Fokke de Jong, IJsbrand Wouter Steensma veehouder wonende te Franeker weduwnaar van Reinske Johanna de Jong als vader en voogd over zijn minderjarige kinderen Grietje en Rinske Steensma, Wiebren Landman bakker wonende te Leeuwarden als toeziend voogd over de minderjarige Minne de Jong, een huis waarin een boven en beneden woning, een brood- koek en banketbakkerij met pakhuis, erf, bleek en tuingrond, staande en gelegen aan de voorstraat te Franeker Kad. Nr. Sectie A 714, alle vaste en losse machines en gereedschappen in de bakkerij, de etalage en in de winkel en alle gaslampen en pitten binnenshuis zijn van de huurders en worden niet bedongen, de overname van de toonbank met marmeren blad en stellingen alles in de winkel eigen aan de verkopers voor fl. 60,- en overname van de huurder Visser van de electrische geleidingen met aanbehoren tot het perceel behorende voor fl. 90,- de aanvaarding kan plaats hebben gelijk na de finale toewijzing, het eerste bod van fl. 8359,- wordt gedaan door Siebout IJsselmuiden verzekerings agent wonende te Franeker. Op maandag 8 mei 1922 in hotel “De Nieuwe Doelen” te Franeker wordt het eerste bod door Teade Visser bakker wonende te Franeker verhoogt naar fl. 8360,- en krijgt de finale toewijzing, te betalen op 14 augustus 1922 .
1903 verbouw van voorgevel en winkel