1847 Op maandag 8 februari 1847 in de herberg “De Valck” te Franeker wordt in een openbare veiling te koop aangeboden door Tjamke Bogtstra weduwe van Abraham Broersma winkelierse wonende te Franeker, Nicolaas Bogtstra wijnhandelaar mede te Franeker woonachtig voor zich en als mondeling gelastigde van Elisabeth Bogtstra huisvrouw van Lodewijk Lolcama predikant wonende te Deersum, Petrus Hilarius Peerdemans Bogtstra genees heel en vroedsmeester wonende te Jorwerd, Trijntje Bogtstra huisvrouw van Wieger Arnoldus Baas school onderwijzer wonende te Oosterend als toeziend voogd, Sjoukje Bogtstra en Anna Bogtstra beide meerderjarig en ongehuwd wonende te Joure , Tjietske van Kampen weduwe van Jan Bogtstra wonende te Joure als moeder en wettige voogdes over Janna en Lucas Bogtstra haar minderjarige kinderen geboren uit haar huwelijk met Jan Bogtstra, een woning met bleekveld staande en gelegen in de wijk EW 68 binnen Franeker, Kad. Nr. Sectie A 437a, thans ledig maar dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden, het eerste bod wordt gedaan door Pieter Waardenburg politiedienaar wonende te Franeker met fl. 100,25 Op maandag 22 februari 1847 in de herberg “De Valck” te Franeker wordt het eerste bod verhoogd door Nicolaas Bogtstra wijnhandelaar wonende te Franeker naar fl. 155,- waarna de finale toewijzing volgt, het geveilde wordt verkocht zo goed en kwaad het is met lusten, lasten, servituten, gerechtig en mandeligheden, te betalen in alhier goed gangbare gouden of zilveren munten zonder enig voor geld gaande papieren in twee termijnen op 1 mei en 1 November 1847, de koper moeten binnen 8 dagen de kosten van advertentien, billetten, trommelen en oproepen, zegels, registratie rechten, proces verbaal en verteringen betalen.